Naar de inhoud

plakken

lijmen , kleven

plakken is meer dan één woord

plakken

werkwoord, zelfstandig naamwoord

Betekenis

  1. lijmen , kleven

werkwoord

  1. lijmen [1], vastlijmen transitive
  2. ergens aan blijven kleven/vastzitten intransitive

Vervoeging van plakken

plakkenhele werkwoord — plakteverleden tijd enkelvoud — plaktenverleden tijd meervoud — geplaktvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik plak plakte
jij plakt plakte
hij, zij, het plakt plakte
wij plakken plakten
jullie plakken plakten
zij plakken plakten
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben geplakt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent geplakt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is geplakt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was geplakt impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd geplakt impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt geplakt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal geplakt worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal geplakt zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou geplakt worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou geplakt zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
geplakt verleden tijd, deelwoord
geplakt te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
geplakt te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
geplakt te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geplakt te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
geplakt te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geplakt worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
geplakt zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
geplakt zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
geplakt zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
geplakt zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had geplakt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had geplakt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had geplakt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden geplakt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden geplakt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden geplakt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt geplakt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb geplakt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geplakt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben geplakt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geplakt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben geplakt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt geplakt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geplakt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geplakt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is geplakt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is geplakt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
plak gebiedende wijs
plakke aanvoegende wijs
plakkend onvoltooid, deelwoord
plakte verleden tijd
te hebben geplakt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te plakken actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen plakken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart geplakt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren geplakt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren geplakt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren geplakt voltooid, verleden tijd, derde persoon
was geplakt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was geplakt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was geplakt voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd geplakt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd geplakt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd geplakt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden geplakt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden geplakt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden geplakt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt geplakt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word geplakt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden geplakt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden geplakt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden geplakt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt geplakt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt geplakt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal geplakt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geplakt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal geplakt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal geplakt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geplakt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal geplakt zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geplakt zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal plakken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal plakken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal plakken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn geplakt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn geplakt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn geplakt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt geplakt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou geplakt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geplakt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geplakt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou geplakt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geplakt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou geplakt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geplakt zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geplakt zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geplakt zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou plakken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou plakken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou plakken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden geplakt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geplakt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geplakt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden geplakt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden geplakt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden geplakt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden geplakt zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geplakt zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geplakt zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden plakken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden plakken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden plakken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt geplakt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt geplakt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt geplakt zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt plakken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen geplakt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geplakt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geplakt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen geplakt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen geplakt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen geplakt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen geplakt zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geplakt zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geplakt zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen plakken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen plakken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen plakken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen plakken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult geplakt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult geplakt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult geplakt zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult plakken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord plak

Herkomst

In de betekenis van ‘(vast)kleven’ voor het eerst aangetroffen in 1599

Woordfamilie van plakken

Woordvorm Relatie Afgeleid van
geplakt voltooid deelwoord plakken
geplakte woordvorm plakken
plakke aanvoegende wijs plakken
plakkend onvoltooid deelwoord plakken
plakkende woordvorm plakken
plakt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon plakken
plakte verleden tijd plakken
plakten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon plakken

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van plakken zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Verwante woorden

Veelgestelde vragen over plakken

Wat betekent plakken?
Plakken is een werkwoord. Het woord betekent: lijmen, kleven. Deze pagina beschrijft 3 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je plakken?
Je vervoegt plakken als volgt: de tegenwoordige tijd is plak, de verleden tijd is plakte en het voltooid deelwoord is geplakt. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Scrabble punten

Naar spel

Het woord plakken is 15 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. P 3
  2. L 3
  3. A 1
  4. K 3
  5. K 3
  6. E 1
  7. N 1
  8. 15 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

plakken levert met Wordfeud minimaal 16 en maximaal 112 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. P 4
  2. L 3
  3. A 1
  4. K 3
  5. K 3
  6. E 1
  7. N 1
  8. 16 zonder bonus
  9. 112 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (P) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

plakken telt 7 letters, waarvan 6 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

plakken in het kort

plakken is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Welke van de twee het is, hangt af van de zin. Hierboven staan 3 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van plakken zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort plakken bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

plakken: lijmen , kleven
Deel plakken — standaardnederlands.nl