ontlasting
zelfstandig naamwoord ɔntˈlɑstɪŋBetekenis
- het van een last ontdoen
- de vaste uitgescheiden afvalstoffen van een mens of dier
Hoe spreek je ontlasting uit?
/ɔntˈlɑstɪŋ/
Ontlasting bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɔ | bot |
| n | nek |
| t | tak |
| l | land |
| ɑ | bad |
| s | sok |
| ɪ | pit |
| ŋ | ding |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| ontlastingen | meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘uitwerpselen’ voor het eerst aangetroffen in 1704
Woordfamilie van ontlasting
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| ontlastingen | meervoud | ontlasting |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van ontlasting zijn vastgelegd.