geluidsbelasting
zelfstandig naamwoord ɣəˈlœytsbəˌlɑstɪŋBetekenis
- een in de Nederlandse wetgeving gedefinieerde term, die de waarde van het geluidsniveau op een woning of een andere geluidsgevoelige bestemming aangeeft
Hoe spreek je geluidsbelasting uit?
/xəˈlœytsbəˌlɑstɪŋ/
Geluidsbelasting bestaat uit vijf lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| x | acht |
| ə | de |
| l | land |
| œy | huis |
| t | tak |
| s | sok |
| b | bak |
| ɑ | bad |
| ɪ | pit |
| ŋ | ding |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| geluidsbelastingen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van geluid en belasting met het invoegsel -s-
Woordfamilie van geluidsbelasting
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| geluidsbelastingen | meervoud | geluidsbelasting |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van geluidsbelasting zijn vastgelegd.