Naar de inhoud

onderdompelen

onder een vloeistofoppervlak laten zakken

onderdompelen

werkwoord ˈɔndərˌdɔmpələ(n)

Betekenis

  1. onder een vloeistofoppervlak laten zakken

Hoe spreek je onderdompelen uit?

/ˈɔndərˌdɔmpələn/

Onderdompelen bestaat uit vijf lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈɔndərˌdɔmpələn/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
ɔ bot
n nek
d dak
ə de
r rood
m maan
p pak
l land
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint
ˌ een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon

Vervoeging van onderdompelen

onderdompelenhele werkwoord — dompelde onderverleden tijd enkelvoud — dompelden onderverleden tijd meervoud — ondergedompeldvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik dompel onder dompelde onder
jij dompelt onder dompelde onder
hij, zij, het dompelt onder dompelde onder
wij dompelen onder dompelden onder
jullie dompelen onder dompelden onder
zij dompelen onder dompelden onder
Alle 145 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben ondergedompeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent ondergedompeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
dompel onder gebiedende wijs
dompelde onder verleden tijd
er is ondergedompeld impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was ondergedompeld impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd ondergedompeld impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt ondergedompeld impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal ondergedompeld worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal ondergedompeld zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou ondergedompeld worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou ondergedompeld zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had ondergedompeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had ondergedompeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had ondergedompeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden ondergedompeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden ondergedompeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden ondergedompeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt ondergedompeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb ondergedompeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben ondergedompeld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben ondergedompeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben ondergedompeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben ondergedompeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt ondergedompeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft ondergedompeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft ondergedompeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is ondergedompeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is ondergedompeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
onder te dompelen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
onder te zullen dompelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
onder zal dompelen bijzin, toekomende tijd
onder zou dompelen bijzin, voorwaardelijk
onder zouden dompelen bijzin, voorwaardelijk
onder zoudt dompelen bijzin, voorwaardelijk
onder zullen dompelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
onder zullen dompelen bijzin, toekomende tijd
onder zult dompelen bijzin, toekomende tijd
onderdompel bijzin, tegenwoordige tijd
onderdompelde bijzin, verleden tijd
onderdompelden bijzin, verleden tijd
onderdompelend onvoltooid, deelwoord
onderdompelt bijzin, tegenwoordige tijd
ondergedompeld verleden tijd, deelwoord
ondergedompeld te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
ondergedompeld te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
ondergedompeld te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
ondergedompeld te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
ondergedompeld te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
ondergedompeld worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
ondergedompeld zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
ondergedompeld zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
ondergedompeld zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
ondergedompeld zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
te hebben ondergedompeld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen onderdompelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart ondergedompeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren ondergedompeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren ondergedompeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren ondergedompeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
was ondergedompeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was ondergedompeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was ondergedompeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd ondergedompeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd ondergedompeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd ondergedompeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden ondergedompeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden ondergedompeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden ondergedompeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt ondergedompeld enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word ondergedompeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden ondergedompeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden ondergedompeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden ondergedompeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt ondergedompeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt ondergedompeld enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal onderdompelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal onderdompelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal onderdompelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal onderdompelen bijzin, toekomende tijd
zal ondergedompeld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal ondergedompeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal ondergedompeld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal ondergedompeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal ondergedompeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal ondergedompeld zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal ondergedompeld zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn ondergedompeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn ondergedompeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn ondergedompeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt ondergedompeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou onderdompelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou onderdompelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou onderdompelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou onderdompelen bijzin, voorwaardelijk
zou ondergedompeld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou ondergedompeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou ondergedompeld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou ondergedompeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou ondergedompeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou ondergedompeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou ondergedompeld zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou ondergedompeld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou ondergedompeld zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou(dt) onderdompelen onder zou(dt) dompelen bijzin, voorwaardelijk
zouden onderdompelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden onderdompelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden onderdompelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden onderdompelen bijzin, voorwaardelijk
zouden ondergedompeld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden ondergedompeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden ondergedompeld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden ondergedompeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden ondergedompeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden ondergedompeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden ondergedompeld zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden ondergedompeld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden ondergedompeld zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt onderdompelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt onderdompelen bijzin, voorwaardelijk
zoudt ondergedompeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt ondergedompeld worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt ondergedompeld zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen onderdompelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen onderdompelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen onderdompelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen onderdompelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen onderdompelen bijzin, toekomende tijd
zullen ondergedompeld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen ondergedompeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen ondergedompeld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen ondergedompeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen ondergedompeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen ondergedompeld worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen ondergedompeld zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen ondergedompeld zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen ondergedompeld zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult onderdompelen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

samenstelling van onder bw en dompelen ww

Woordfamilie van onderdompelen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
dompel onder gebiedende wijs onderdompelen
dompelde onder verleden tijd onderdompelen
dompelden onder aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon onderdompelen
dompele onder woordvorm onderdompelen
dompelen onder aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon onderdompelen
dompelt onder aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon onderdompelen
onderdompel subordinate-clause, tegenwoordige tijd onderdompelen
onderdompelde subordinate-clause, verleden tijd onderdompelen
onderdompelden subordinate-clause, verleden tijd onderdompelen
onderdompele with-subordinate-clause onderdompelen
onderdompelend onvoltooid deelwoord onderdompelen
onderdompelende woordvorm onderdompelen
onderdompelt subordinate-clause, tegenwoordige tijd onderdompelen
ondergedompeld voltooid deelwoord onderdompelen
ondergedompelde woordvorm onderdompelen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van onderdompelen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over onderdompelen

Hoe spreek ik onderdompelen uit?
Zo spreek je onderdompelen uit: /ˈɔndərˌdɔmpələ(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft. Het streepje ˈ markeert de klemtoon: die ligt op de eerste lettergreep.
Wat is de betekenis van onderdompelen?
Onderdompelen is een werkwoord. De betekenis is: onder een vloeistofoppervlak laten zakken.
Hoe vervoeg ik onderdompelen?
Zo vervoeg je onderdompelen zo: het voltooid deelwoord is ondergedompeld. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op onderdompelen?

In dit woordenboek rijmen 4 woorden op -ompelen op onderdompelen, zoals verschrompelen, dompelen en schrompelen. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op onderdompelen, uitspraak ˈɔndərˌdɔmpələn, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
verschrompelen 4
dompelen 3
schrompelen 3
overrompelen 5

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord onderdompelen is 22 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. O 1
  2. N 1
  3. D 2
  4. E 1
  5. R 2
  6. D 2
  7. O 1
  8. M 3
  9. P 3
  10. E 1
  11. L 3
  12. E 1
  13. N 1
  14. 22 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

onderdompelen levert met Wordfeud minimaal 23 en maximaal 93 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. O 1
  2. N 1
  3. D 2
  4. E 1
  5. R 2
  6. D 2
  7. O 1
  8. M 3
  9. P 4
  10. E 1
  11. L 3
  12. E 1
  13. N 1
  14. 23 zonder bonus
  15. 93 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (P) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

onderdompelen in het kort

onderdompelen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van onderdompelen staan er 88 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort onderdompelen bij een woordfamilie van 15 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

onderdompelen: onder een vloeistofoppervlak laten zakken
Deel onderdompelen — standaardnederlands.nl