kurkentrekker
zelfstandig naamwoord ˈkʏrkə(n)ˌtrɛkərBetekenis
- een werktuig om flessen te ontkurken
- uitgerekte looping in een achtbaan
- stuntmanoeuvre die kan worden gedaan met een vliegtuig
Hoe spreek je kurkentrekker uit?
/ˈkʏrkənˌtrɛkər/
Kurkentrekker bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| ʏ | put |
| r | rood |
| ə | de |
| n | nek |
| t | tak |
| ɛ | bed |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| kurkentrekkers | meervoud |
| kurkentrekkertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| kurkentrekkertjes | verkleinwoord, meervoud |
| kurketrekker |
Herkomst
samenstelling van kurk zn en trekker zn met het invoegsel -en-
Woordfamilie van kurkentrekker
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| kurkentrekkers | meervoud | kurkentrekker |
| kurkentrekkertje | verkleinwoord | kurkentrekker |
| kurkentrekkertjes | verkleinwoord meervoud | kurkentrekker |
| kurketrekker | masculine | kurkentrekker |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van kurkentrekker zijn vastgelegd.