Naar de inhoud

krijgen

verwerven, ontvangen

krijgen is meer dan één woord

krijgen

werkwoord, zelfstandig naamwoord /ˈkrɛ.ɣə(n)/

Betekenis

  1. verwerven, ontvangen
  2. een ziekte oplopen

Hoe spreek je krijgen uit?

/ˈkrɛxən/

Krijgen bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈkrɛxən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
k kat
r rood
ɛ bed
x acht
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

werkwoord

  1. in een bepaalde gewenste toestand brengen transitive
  2. iets oplopen of beginnen te ondervinden (ziekte e.d.) transitive
  3. maakt met behulp van een meewerkend voorwerp een pseudo-passieve constructie auxiliary

Vervoeging van krijgen

krijgenhele werkwoord — kreegverleden tijd enkelvoud — kregenverleden tijd meervoud — gekregenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik krijg kreeg
jij krijgt kreeg
hij, zij, het krijgt kreeg
wij krijgen kregen
jullie krijgen kregen
zij krijgen kregen
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
gekregen verleden tijd, deelwoord
gekregen te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gekregen zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gekregen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gekregen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gekregen voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gekregen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gekregen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gekregen voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gekregen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gekregen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gekregen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gekregen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gekregen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gekregen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gekregen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gekregen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gekregen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
kreeg verleden tijd
krijg gebiedende wijs
krijge aanvoegende wijs
krijgend onvoltooid, deelwoord
te hebben gekregen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te krijgen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen krijgen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal gekregen hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gekregen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gekregen hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal krijgen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal krijgen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal krijgen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou gekregen hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gekregen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gekregen hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou krijgen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou krijgen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou krijgen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gekregen hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gekregen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gekregen hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden krijgen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden krijgen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden krijgen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gekregen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt krijgen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gekregen hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gekregen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gekregen hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen krijgen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen krijgen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen krijgen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen krijgen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gekregen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult krijgen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord krijg

Herkomst

In de betekenis van ‘verwerven’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1265

Woordfamilie van krijgen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gekregen voltooid deelwoord krijgen
kreeg verleden tijd krijgen
kreegt aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, enkelvoud, 2e persoon krijgen
kregen aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon krijgen
krijge aanvoegende wijs krijgen
krijgend onvoltooid deelwoord krijgen
krijgende woordvorm krijgen
krijgt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon krijgen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van krijgen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over krijgen

Hoe spreek je krijgen uit?
De uitspraak van krijgen is: /ˈkrɛ.ɣə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent krijgen?
Krijgen is een werkwoord. Het woord betekent: verwerven, ontvangen. Deze pagina beschrijft 5 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je krijgen?
Je vervoegt krijgen als volgt: de tegenwoordige tijd is krijg, de verleden tijd is kreeg en het voltooid deelwoord is gekregen. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op krijgen?

In dit woordenboek rijmen 12 woorden op -gen op krijgen, zoals overleggen, zeggen en leggen. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op krijgen, uitspraak ˈkrɛxən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
overleggen 4
zeggen 2
leggen 2
keggen 2
dreggen 2
verzeggen 3
peggen 2
eenrichtingswegen 5
hangmatbeleggen 5
neggen 2
ontlastingswegen 5
vredesoverleggen 6

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord krijgen is 15 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. K 3
  2. R 2
  3. I 1
  4. J 4
  5. G 3
  6. E 1
  7. N 1
  8. 15 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

krijgen levert met Wordfeud minimaal 16 en maximaal 112 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. K 3
  2. R 2
  3. I 2
  4. J 4
  5. G 3
  6. E 1
  7. N 1
  8. 16 zonder bonus
  9. 112 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (J) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

krijgen telt 7 letters, waarvan 7 verschillende. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

krijgen in het kort

krijgen is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Welke van de twee het is, hangt af van de zin. Hierboven staan 5 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van krijgen zijn 33 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort krijgen bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

krijgen: verwerven, ontvangen
Deel krijgen — standaardnederlands.nl