Naar de inhoud

grabbelen

graaien

grabbelen

werkwoord ˈɣrɑbələ(n)

Betekenis

  1. graaien
  2. met wilde gebaren grijpen,

Hoe spreek je grabbelen uit?

/ˈxrɑbələn/

Grabbelen bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈxrɑbələn/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
x acht
r rood
ɑ bad
b bak
ə de
l land
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van grabbelen

grabbelenhele werkwoord — grabbeldeverleden tijd enkelvoud — grabbeldenverleden tijd meervoud — gegrabbeldvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik grabbel grabbelde
jij grabbelt grabbelde
hij, zij, het grabbelt grabbelde
wij grabbelen grabbelden
jullie grabbelen grabbelden
zij grabbelen grabbelden
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
er is gegrabbeld impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gegrabbeld impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gegrabbeld impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gegrabbeld impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gegrabbeld worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gegrabbeld zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gegrabbeld worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gegrabbeld zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gegrabbeld verleden tijd, deelwoord
gegrabbeld te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gegrabbeld zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
grabbel gebiedende wijs
grabbelde verleden tijd
grabbele aanvoegende wijs
grabbelend onvoltooid, deelwoord
had gegrabbeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gegrabbeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gegrabbeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gegrabbeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gegrabbeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gegrabbeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gegrabbeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gegrabbeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gegrabbeld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gegrabbeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gegrabbeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gegrabbeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gegrabbeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gegrabbeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gegrabbeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te grabbelen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gegrabbeld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen grabbelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal gegrabbeld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gegrabbeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gegrabbeld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal grabbelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal grabbelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal grabbelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou gegrabbeld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gegrabbeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gegrabbeld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou grabbelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou grabbelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou grabbelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gegrabbeld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gegrabbeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gegrabbeld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden grabbelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden grabbelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden grabbelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gegrabbeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt grabbelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gegrabbeld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gegrabbeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gegrabbeld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen grabbelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen grabbelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen grabbelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen grabbelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gegrabbeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult grabbelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

In de betekenis van ‘grijpen’ voor het eerst aangetroffen in 1486

Woordfamilie van grabbelen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gegrabbeld voltooid deelwoord grabbelen
gegrabbelde woordvorm grabbelen
grabbelde verleden tijd grabbelen
grabbelden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon grabbelen
grabbele aanvoegende wijs grabbelen
grabbelend onvoltooid deelwoord grabbelen
grabbelende woordvorm grabbelen
grabbelt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon grabbelen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van grabbelen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over grabbelen

Hoe spreek je grabbelen uit?
De uitspraak van grabbelen is: /ˈɣrɑbələ(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent grabbelen?
Grabbelen is een werkwoord. Het woord betekent: graaien. Deze pagina beschrijft 2 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je grabbelen?
Je vervoegt grabbelen als volgt: de tegenwoordige tijd is grabbel, de verleden tijd is grabbelde en het voltooid deelwoord is gegrabbeld. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op grabbelen?

Er staan 6 woorden in dit woordenboek die op grabbelen rijmen, waaronder babbelen, kabbelen en zabbelen. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op grabbelen, uitspraak ˈxrɑbələn, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
babbelen 3
kabbelen 3
zabbelen 3
knabbelen 3
snabbelen 3
zwabbelen 3

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord grabbelen is 18 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. G 3
  2. R 2
  3. A 1
  4. B 3
  5. B 3
  6. E 1
  7. L 3
  8. E 1
  9. N 1
  10. 18 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

grabbelen levert met Wordfeud minimaal 20 en maximaal 84 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. G 3
  2. R 2
  3. A 1
  4. B 4
  5. B 4
  6. E 1
  7. L 3
  8. E 1
  9. N 1
  10. 20 zonder bonus
  11. 84 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (B) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

grabbelen in het kort

grabbelen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 2 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van grabbelen zijn 40 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort grabbelen bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

grabbelen: graaien
Deel grabbelen — standaardnederlands.nl