drenken
werkwoord /ˈdrɛŋkə(n)/Betekenis
- laten doortrekken met een vloeistof
- drinken geven aan
Hoe spreek je drenken uit?
/ˈdrɛŋkən/
Drenken bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| r | rood |
| ɛ | bed |
| ŋ | ding |
| k | kat |
| ə | de |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Vervoeging van drenken
drenkenhele werkwoord — drenkteverleden tijd enkelvoud — drenktenverleden tijd meervoud — gedrenktvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | drenk | drenkte |
| jij | drenkt | drenkte |
| hij, zij, het | drenkt | drenkte |
| wij | drenken | drenkten |
| jullie | drenken | drenkten |
| zij | drenken | drenkten |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben gedrenkt | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent gedrenkt | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| drenk | gebiedende wijs |
| drenke | aanvoegende wijs |
| drenkend | onvoltooid, deelwoord |
| drenkte | verleden tijd |
| er is gedrenkt | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gedrenkt | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gedrenkt | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gedrenkt | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gedrenkt worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gedrenkt zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gedrenkt worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gedrenkt zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gedrenkt | verleden tijd, deelwoord |
| gedrenkt te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gedrenkt te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gedrenkt te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gedrenkt te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gedrenkt te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gedrenkt worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gedrenkt zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gedrenkt zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gedrenkt zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gedrenkt zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gedrenkt | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gedrenkt | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gedrenkt | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gedrenkt | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gedrenkt | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gedrenkt | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gedrenkt | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gedrenkt | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gedrenkt | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gedrenkt | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gedrenkt | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gedrenkt | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gedrenkt | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gedrenkt | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gedrenkt | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is gedrenkt | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is gedrenkt | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te drenken | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te hebben gedrenkt | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen drenken | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart gedrenkt | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gedrenkt | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren gedrenkt | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gedrenkt | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was gedrenkt | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was gedrenkt | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was gedrenkt | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd gedrenkt | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd gedrenkt | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd gedrenkt | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden gedrenkt | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden gedrenkt | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden gedrenkt | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt gedrenkt | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word gedrenkt | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden gedrenkt | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden gedrenkt | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden gedrenkt | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt gedrenkt | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt gedrenkt | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal drenken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal drenken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal drenken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal gedrenkt hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gedrenkt hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gedrenkt hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal gedrenkt worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gedrenkt worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal gedrenkt zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gedrenkt zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zijn gedrenkt | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn gedrenkt | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn gedrenkt | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt gedrenkt | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou drenken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou drenken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou drenken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou gedrenkt hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gedrenkt hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gedrenkt hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou gedrenkt worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gedrenkt worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou gedrenkt worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gedrenkt zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gedrenkt zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gedrenkt zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden drenken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden drenken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden drenken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden gedrenkt hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gedrenkt hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gedrenkt hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gedrenkt worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden gedrenkt worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden gedrenkt worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gedrenkt zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gedrenkt zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gedrenkt zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zoudt drenken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt gedrenkt hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gedrenkt worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gedrenkt zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zullen drenken | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen drenken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen drenken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen drenken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen gedrenkt hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gedrenkt hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gedrenkt hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gedrenkt worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen gedrenkt worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen gedrenkt worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gedrenkt zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gedrenkt zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gedrenkt zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zult drenken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zult gedrenkt hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gedrenkt worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gedrenkt zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
Herkomst
In de betekenis van ‘te drinken geven’ voor het eerst aangetroffen in 901
Woordfamilie van drenken
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| drenk | gebiedende wijs | drenken |
| drenke | aanvoegende wijs | drenken |
| drenkend | onvoltooid deelwoord | drenken |
| drenkende | woordvorm | drenken |
| drenkt | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | drenken |
| drenkte | verleden tijd | drenken |
| drenkten | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | drenken |
| gedrenkt | voltooid deelwoord | drenken |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van drenken zijn vastgelegd.