adder
zelfstandig naamwoord ˈɑdərBetekenis
- een gevaarlijk en onbetrouwbaar persoon
Hoe spreek je adder uit?
/ˈɑdər/
Adder bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɑ | bad |
| d | dak |
| ə | de |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- een bepaalde soort giftige slangen uit de familie van adders, Vipera berus
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| (adderen) | meervoud |
| adders | meervoud |
| addertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| addertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘slang’ voor het eerst aangetroffen in 1340
Woordfamilie van adder
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| addertje | verkleinwoord | adder |
| addertjes | verkleinwoord meervoud | adder |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van adder zijn vastgelegd.