pagadder
zelfstandig naamwoord /paˈɣɑdər/Betekenis
- kind, meestal een peuter of kleuter, dat op een vertederende manier wat ondeugend is; vooral gebruikt voor jongens
- iemand die in Antwerpen is geboren uit ouders die daar niet geboren zijn
- verachtelijk persoon, iemand die niet deugt
Hoe spreek je pagadder uit?
/paˈxɑdər/
Pagadder bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| p | pak |
| a | maan |
| x | acht |
| ɑ | bad |
| d | dak |
| ə | de |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| pagadderke | verkleinwoord |
| pagadderkes | verkleinwoord, enkelvoud |
| pagadders | enkelvoud |
| pagaddertje | verkleinwoord |
| pagaddertjes | verkleinwoord, enkelvoud |
Herkomst
van Spaans pagador "betaler", oorspronkelijk de benaming voor de betaalmeesters van het Spaanse leger; ontwikkelde zich met de bijbetekenis "slechte betaler" tot een scheldwoord
Woordfamilie van pagadder
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| pagadderke | verkleinwoord | pagadder |
| pagadderkes | verkleinwoord | pagadder |
| pagadders | enkelvoud | pagadder |
| pagaddertje | verkleinwoord | pagadder |
| pagaddertjes | verkleinwoord | pagadder |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van pagadder zijn vastgelegd.