Naar de inhoud

zichten

iets maaien met een zicht, een klein formaat zeis

zichten is meer dan één woord

zichten

werkwoord, zelfstandig naamwoord

Betekenis

  1. iets maaien met een zicht, een klein formaat zeis

Vervoeging van zichten

zichtenhele werkwoord — zichtteverleden tijd enkelvoud — zichttenverleden tijd meervoud — gezichtvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik zicht zichtte
jij zicht zichtte
hij, zij, het zicht zichtte
wij zichten zichtten
jullie zichten zichtten
zij zichten zichtten
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
er is gezicht impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gezicht impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gezicht impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gezicht impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gezicht worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gezicht zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gezicht worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gezicht zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gezicht verleden tijd, deelwoord
gezicht te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gezicht zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gezicht voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gezicht voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gezicht voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gezicht voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gezicht voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gezicht voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gezicht voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gezicht voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gezicht actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gezicht voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gezicht voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gezicht voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gezicht voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gezicht voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gezicht voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben gezicht actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zichten actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen zichten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal gezicht hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gezicht hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gezicht hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal zichten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal zichten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal zichten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zicht gebiedende wijs
zichte aanvoegende wijs
zichtend onvoltooid, deelwoord
zichtte verleden tijd
zou gezicht hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gezicht hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gezicht hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou zichten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou zichten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou zichten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gezicht hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gezicht hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gezicht hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden zichten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden zichten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden zichten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gezicht hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt zichten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gezicht hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gezicht hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gezicht hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen zichten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen zichten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen zichten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen zichten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gezicht hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult zichten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord zicht

Herkomst

afgeleid van zicht met het achtervoegsel -en

Woordfamilie van zichten

Woordvorm Relatie Afgeleid van
zichte aanvoegende wijs zichten
zichtend onvoltooid deelwoord zichten
zichtende woordvorm zichten
zichtte verleden tijd zichten
zichtten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon zichten

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zichten zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over zichten

Wat betekent zichten?
Zichten is een werkwoord. Het woord betekent: iets maaien met een zicht, een klein formaat zeis.
Hoe vervoeg je zichten?
Je vervoegt zichten als volgt: de tegenwoordige tijd is zicht, de verleden tijd is zichtte en het voltooid deelwoord is gezicht. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord zichten is 18 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. Z 4
  2. I 1
  3. C 5
  4. H 4
  5. T 2
  6. E 1
  7. N 1
  8. 18 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

zichten levert met Wordfeud minimaal 20 en maximaal 130 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. Z 5
  2. I 2
  3. C 5
  4. H 4
  5. T 2
  6. E 1
  7. N 1
  8. 20 zonder bonus
  9. 130 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (Z) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

zichten telt 7 letters, waarvan 7 verschillende. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

zichten in het kort

zichten is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Welke van de twee het is, hangt af van de zin. Van zichten zijn 39 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort zichten bij een woordfamilie van 5 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

zichten: iets maaien met een zicht, een klein formaat zeis
Deel zichten — standaardnederlands.nl