Naar de inhoud

verwerpen

afkeuren, afwijzen

verwerpen

werkwoord vərˈwɛrpə(n)

Betekenis

  1. afkeuren, afwijzen
  2. wraken
  3. verstoten
  4. over een grote afstand gooien

Hoe spreek je verwerpen uit?

/vərˈwɛrpən/

Verwerpen bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.

De tekens in /vərˈwɛrpən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
v vis
ə de
r rood
w quiz
ɛ bed
p pak
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van verwerpen

verwerpenhele werkwoord — verwierpverleden tijd enkelvoud — verwierpenverleden tijd meervoud — verworpenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik verwerp verwierp
jij verwerpt verwierp
hij, zij, het verwerpt verwierp
wij verwerpen verwierpen
jullie verwerpen verwierpen
zij verwerpen verwierpen
Alle 56 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
had verworpen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had verworpen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had verworpen voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden verworpen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden verworpen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden verworpen voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt verworpen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb verworpen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verworpen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben verworpen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verworpen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben verworpen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt verworpen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verworpen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verworpen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben verworpen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te verwerpen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen verwerpen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verwerp gebiedende wijs
verwerpe aanvoegende wijs
verwerpend onvoltooid, deelwoord
verwierp verleden tijd
verworpen verleden tijd, deelwoord
verworpen te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verworpen zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verwérpen canonical
zal verwerpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal verwerpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal verwerpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal verworpen hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verworpen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal verworpen hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zou verwerpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou verwerpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou verwerpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou verworpen hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verworpen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verworpen hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verwerpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verwerpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verwerpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden verworpen hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verworpen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verworpen hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt verwerpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt verworpen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen verwerpen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen verwerpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verwerpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verwerpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen verworpen hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verworpen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verworpen hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult verwerpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult verworpen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Vervoeging van verwerpen

verwerpenhele werkwoord — verwierpverleden tijd enkelvoud — verwierpenverleden tijd meervoud — -voltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik verwerp verwierp
jij verwerpt verwierp
hij, zij, het verwerpt verwierp
wij verwerpen verwierpen
jullie verwerpen verwierpen
zij verwerpen verwierpen
Alle 57 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- verleden tijd
- verleden tijd, deelwoord
ev. gebiedende wijs
had verworpen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had verworpen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had verworpen voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden verworpen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden verworpen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden verworpen voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt verworpen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb verworpen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verworpen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben verworpen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verworpen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben verworpen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt verworpen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verworpen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verworpen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben verworpen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te verwerpen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen verwerpen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verwerp gebiedende wijs
verwerpe aanvoegende wijs
verwerpend onvoltooid, deelwoord
verworpen verleden tijd, deelwoord
verworpen te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verworpen zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
vérwerpen canonical
zal verwerpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal verwerpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal verwerpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal verworpen hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verworpen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal verworpen hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zou verwerpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou verwerpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou verwerpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou verworpen hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verworpen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verworpen hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verwerpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verwerpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verwerpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden verworpen hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verworpen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verworpen hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt verwerpen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt verworpen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen verwerpen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen verwerpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verwerpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verwerpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen verworpen hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verworpen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verworpen hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult verwerpen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult verworpen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

werkwoord: van Middelnederlands, afgeleid van werpen met het voorvoegsel ver-

werkwoord: samenstelling van ver bw en werpen ww

Woordfamilie van verwerpen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
verwerp gebiedende wijs verwerpen
verwerpe aanvoegende wijs verwerpen
verwerpend onvoltooid deelwoord verwerpen
verwerpende woordvorm verwerpen
verwerpt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon verwerpen
verwierp verleden tijd verwerpen
verwierpen aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon verwerpen
verworpen voltooid deelwoord verwerpen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van verwerpen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over verwerpen

Hoe spreek ik verwerpen uit?
Zo spreek je verwerpen uit: /vərˈwɛrpə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft.
Wat is de betekenis van verwerpen?
Verwerpen is een werkwoord. De betekenis is: afkeuren, afwijzen. In totaal staan er 4 betekenissen.
Hoe vervoeg ik verwerpen?
Zo vervoeg je verwerpen zo: de tegenwoordige tijd is verwerp, de verleden tijd is verwierp en het voltooid deelwoord is verworpen. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op verwerpen?

Verwerpen rijmt op 6 woorden op -werpen; werpen, ontwerpen en onderwerpen bijvoorbeeld. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op verwerpen, uitspraak vərˈwɛrpən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
werpen 2
ontwerpen 3
onderwerpen 4
knerpen 2
snerpen 2
deelonderwerpen 5

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord verwerpen is 20 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. W 5
  5. E 1
  6. R 2
  7. P 3
  8. E 1
  9. N 1
  10. 20 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

verwerpen levert met Wordfeud minimaal 21 en maximaal 93 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. W 5
  5. E 1
  6. R 2
  7. P 4
  8. E 1
  9. N 1
  10. 21 zonder bonus
  11. 93 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (W) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

verwerpen in het kort

verwerpen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 4 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van verwerpen staan er 35 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort verwerpen bij een woordfamilie van 8 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

verwerpen: afkeuren, afwijzen
Deel verwerpen — standaardnederlands.nl