Naar de inhoud

verwerven

in bezit krijgen, eigenaar worden van

verwerven

werkwoord

Betekenis

  1. in bezit krijgen, eigenaar worden van
  2. leren, beheersen

Vervoeging van verwerven

verwervenhele werkwoord — verwierfverleden tijd enkelvoud — verwiervenverleden tijd meervoud — verworvenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik verwerf verwierf
jij verwerft verwierf
hij, zij, het verwerft verwierf
wij verwerven verwierven
jullie verwerven verwierven
zij verwerven verwierven
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben verworven voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent verworven voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is verworven impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was verworven impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd verworven impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt verworven impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal verworven worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal verworven zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou verworven worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou verworven zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had verworven voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had verworven voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had verworven voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden verworven voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden verworven voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden verworven voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt verworven voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb verworven voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verworven actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben verworven voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verworven voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben verworven voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt verworven voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verworven voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verworven voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is verworven voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is verworven voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben verworven actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te verwerven actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen verwerven actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verwerf gebiedende wijs
verwerve aanvoegende wijs
verwervend onvoltooid, deelwoord
verwierf verleden tijd
verworven verleden tijd, deelwoord
verworven te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
verworven te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
verworven te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verworven te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verworven te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verworven worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
verworven zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
verworven zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verworven zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
verworven zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
waart verworven voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren verworven voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren verworven voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren verworven voltooid, verleden tijd, derde persoon
was verworven voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was verworven voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was verworven voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd verworven enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd verworven enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd verworven enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden verworven enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden verworven enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden verworven enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt verworven enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word verworven enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden verworven enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden verworven enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden verworven enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt verworven enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt verworven enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal verwerven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal verwerven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal verwerven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal verworven hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verworven hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal verworven hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal verworven worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verworven worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal verworven zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verworven zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn verworven voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn verworven voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn verworven voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt verworven voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou verwerven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou verwerven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou verwerven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou verworven hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verworven hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verworven hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou verworven worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verworven worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou verworven worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verworven zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verworven zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verworven zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verwerven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verwerven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verwerven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden verworven hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verworven hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verworven hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verworven worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verworven worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verworven worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verworven zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verworven zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verworven zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt verwerven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt verworven hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verworven worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verworven zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen verwerven actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen verwerven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verwerven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verwerven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen verworven hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verworven hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verworven hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verworven worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verworven worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verworven worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verworven zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verworven zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verworven zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult verwerven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult verworven hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verworven worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verworven zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

afgeleid van werven met het voorvoegsel ver-

Woordfamilie van verwerven

Woordvorm Relatie Afgeleid van
verwerf gebiedende wijs verwerven
verwerft aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon verwerven
verwerve aanvoegende wijs verwerven
verwervend onvoltooid deelwoord verwerven
verwervende woordvorm verwerven
verwierf verleden tijd verwerven
verwierven aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon verwerven
verworven voltooid deelwoord verwerven

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van verwerven zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over verwerven

Wat is de betekenis van verwerven?
Verwerven is een werkwoord. De betekenis is: in bezit krijgen, eigenaar worden van. In totaal staan er 2 betekenissen.
Hoe vervoeg ik verwerven?
Zo vervoeg je verwerven zo: de tegenwoordige tijd is verwerf, de verleden tijd is verwierf en het voltooid deelwoord is verworven. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord verwerven is 21 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. W 5
  5. E 1
  6. R 2
  7. V 4
  8. E 1
  9. N 1
  10. 21 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

verwerven levert met Wordfeud minimaal 21 en maximaal 93 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. W 5
  5. E 1
  6. R 2
  7. V 4
  8. E 1
  9. N 1
  10. 21 zonder bonus
  11. 93 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (W) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

verwerven in het kort

verwerven staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 2 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van verwerven staan er 75 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort verwerven bij een woordfamilie van 8 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

verwerven: in bezit krijgen, eigenaar worden van
Deel verwerven — standaardnederlands.nl