verhullen
werkwoord vərˈhʏlə(n)Betekenis
- iets niet openlijk zeggen of tonen
Hoe spreek je verhullen uit?
/vərˈhʏlən/
Verhullen bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| v | vis |
| ə | de |
| r | rood |
| h | hoed |
| ʏ | put |
| l | land |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
werkwoord
- iets niet openlijk zeggen of tonen; iets verbergen transitive
Vervoeging van verhullen
verhullenhele werkwoord — verhuldeverleden tijd enkelvoud — verhuldenverleden tijd meervoud — verhuldvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | verhul | verhulde |
| jij | verhult | verhulde |
| hij, zij, het | verhult | verhulde |
| wij | verhullen | verhulden |
| jullie | verhullen | verhulden |
| zij | verhullen | verhulden |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben verhuld | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent verhuld | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is verhuld | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was verhuld | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd verhuld | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt verhuld | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal verhuld worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal verhuld zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou verhuld worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou verhuld zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| had verhuld | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had verhuld | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had verhuld | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden verhuld | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden verhuld | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden verhuld | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt verhuld | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb verhuld | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben verhuld | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben verhuld | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben verhuld | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben verhuld | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt verhuld | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft verhuld | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft verhuld | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is verhuld | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is verhuld | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te hebben verhuld | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te verhullen | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen verhullen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| verhul | gebiedende wijs |
| verhuld | verleden tijd, deelwoord |
| verhuld te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| verhuld te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| verhuld te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| verhuld te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| verhuld te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| verhuld worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| verhuld zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| verhuld zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| verhuld zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| verhuld zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| verhulde | verleden tijd |
| verhulle | aanvoegende wijs |
| verhullend | onvoltooid, deelwoord |
| waart verhuld | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren verhuld | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren verhuld | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren verhuld | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was verhuld | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was verhuld | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was verhuld | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd verhuld | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd verhuld | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd verhuld | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden verhuld | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden verhuld | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden verhuld | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt verhuld | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word verhuld | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden verhuld | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden verhuld | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden verhuld | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt verhuld | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt verhuld | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal verhuld hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal verhuld hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal verhuld hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal verhuld worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal verhuld worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal verhuld zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal verhuld zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal verhullen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal verhullen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal verhullen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn verhuld | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn verhuld | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn verhuld | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt verhuld | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou verhuld hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou verhuld hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou verhuld hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou verhuld worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou verhuld worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou verhuld worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou verhuld zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou verhuld zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou verhuld zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou verhullen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou verhullen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou verhullen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden verhuld hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden verhuld hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden verhuld hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden verhuld worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden verhuld worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden verhuld worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden verhuld zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden verhuld zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden verhuld zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden verhullen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden verhullen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden verhullen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt verhuld hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt verhuld worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt verhuld zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt verhullen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen verhuld hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen verhuld hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen verhuld hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen verhuld worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen verhuld worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen verhuld worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen verhuld zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen verhuld zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen verhuld zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen verhullen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen verhullen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen verhullen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen verhullen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult verhuld hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult verhuld worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult verhuld zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult verhullen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
afgeleid van hullen met het voorvoegsel ver-
Woordfamilie van verhullen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| verhul | gebiedende wijs | verhullen |
| verhuld | voltooid deelwoord | verhullen |
| verhulde | verleden tijd | verhullen |
| verhulden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | verhullen |
| verhulle | aanvoegende wijs | verhullen |
| verhult | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | verhullen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van verhullen zijn vastgelegd.