tui
zelfstandig naamwoord, werkwoord tœyBetekenis
- een kabel die gespannen wordt om iets dat rechtop staat meer stevigheid te geven.
- toei, een endemische zangvogel van Nieuw-Zeeland
- van jou (genitief van de tweede persoon enkelvoud)
Hoe spreek je tui uit?
/tœy/
Tui bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| t | tak |
| œy | huis |
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- kabel die gespannen wordt om iets dat rechtop staat meer stevigheid te geven.
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| tuien | meervoud |
| tuitje | verkleinwoord, enkelvoud |
| tuitjes | verkleinwoord, meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van tuien
- gebiedende wijs van tuien
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van tuien
Vervoeging van tui
tuihele werkwoord
Herkomst
afgeleid van tuien ww zonder de uitgang -en