schapendoes
zelfstandig naamwoordBetekenis
- Nederlandse, langharige herdershond
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| schapendoesje | verkleinwoord, enkelvoud |
| schapendoesjes | verkleinwoord, meervoud |
| schapendoezen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van schaap zn en does zn met het invoegsel -en-
Woordfamilie van schapendoes
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| schapendoesje | verkleinwoord | schapendoes |
| schapendoesjes | verkleinwoord meervoud | schapendoes |
| schapendoezen | meervoud | schapendoes |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van schapendoes zijn vastgelegd.