pluim
zelfstandig naamwoord, werkwoord plœymBetekenis
- een veer
- een compliment
- een bepaalde bloeiwijze
- (Vlaams) andere naam voor badmintonshuttle
- sliert uitgestoken damp, rook etc.
Hoe spreek je pluim uit?
/plœym/
Pluim bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| p | pak |
| l | land |
| œy | huis |
| m | maan |
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- andere naam voor badmintonshuttle
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| pluimen | meervoud |
| pluimpje | verkleinwoord, enkelvoud |
| pluimpjes | verkleinwoord, meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van pluimen
- gebiedende wijs van pluimen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van pluimen
Vervoeging van pluim
pluimhele werkwoord
Herkomst
Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘veer, toef’ voor het eerst aangetroffen in 1265
Woordfamilie van pluim
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| pluimpje | verkleinwoord | pluim |
| pluimpjes | verkleinwoord meervoud | pluim |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van pluim zijn vastgelegd.