overwerken
werkwoord, zelfstandig naamwoord ˈovərˌwɛrkə(n)Betekenis
- meer of langer werken dan bepaald was
- zo bewerken dat het over iets uitsteekt
- zich ~: zich afmatten, te veel werken en daardoor de gezondheid benadelen
Hoe spreek je overwerken uit?
/ˈovərˌwɛrkən/
Overwerken bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| o | boot |
| v | vis |
| ə | de |
| r | rood |
| w | quiz |
| ɛ | bed |
| k | kat |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Vervoeging van overwerken
overwerkenhele werkwoord — overgewerktvoltooid deelwoord
Alle 3 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| overgewerkt | verleden tijd, deelwoord |
| werkte over | verleden tijd |
| óverwerken | canonical |
Woordvorm
- meervoud van het zelfstandig naamwoord overwerk
Herkomst
samenstelling van over bw en werken ww
Woordfamilie van overwerken
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| overgewerkt | voltooid deelwoord | overwerken |
| overgewerkte | woordvorm | overwerken |
| overwerke | with-subordinate-clause | overwerken |
| overwerkend | woordvorm | overwerken |
| overwerkende | woordvorm | overwerken |
| overwerkten | with-subordinate-clause | overwerken |
| werk over | woordvorm | overwerken |
| werke over | woordvorm | overwerken |
| werken over | woordvorm | overwerken |
| werkt over | woordvorm | overwerken |
| werkte over | verleden tijd | overwerken |
| werkten over | woordvorm | overwerken |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van overwerken zijn vastgelegd.