onderzoeksgroep
zelfstandig naamwoord ˈɔndərzuksˌxrupBetekenis
- groep van mensen die samen een onderzoek uitvoert
Hoe spreek je onderzoeksgroep uit?
/ˈɔndərzuksˌxrup/
Onderzoeksgroep bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɔ | bot |
| n | nek |
| d | dak |
| ə | de |
| r | rood |
| z | zon |
| u | boek |
| k | kat |
| s | sok |
| x | acht |
| p | pak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| onderzoeksgroepen | meervoud |
| onderzoeksgroepje | verkleinwoord, enkelvoud |
| onderzoeksgroepjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van onderzoek zn en groep zn met het invoegsel -s-
Woordfamilie van onderzoeksgroep
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| onderzoeksgroepen | meervoud | onderzoeksgroep |
| onderzoeksgroepje | verkleinwoord | onderzoeksgroep |
| onderzoeksgroepjes | verkleinwoord meervoud | onderzoeksgroep |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van onderzoeksgroep zijn vastgelegd.