omzet
zelfstandig naamwoord, werkwoord ˈɔmzɛtBetekenis
- som van alle bruto-opbrengsten (exclusief btw) uit verkoop over een bepaalde periode
Hoe spreek je omzet uit?
/ˈɔmzɛt/
Omzet bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɔ | bot |
| m | maan |
| z | zon |
| ɛ | bed |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| omzetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| omzetjes | verkleinwoord, meervoud |
| omzetten | meervoud |
| ómzet | canonical |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van omzetten
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van omzetten
- derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van omzetten
Vervoeging van omzet
omzethele werkwoord
Alle 1 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| ómzet | canonical |
Woordvorm
- enkelvoud tegenwoordige tijd van omzetten
- gebiedende wijs van omzetten
- voltooid deelwoord van omzetten
Vervoeging van omzet
omzethele werkwoord
Alle 1 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| omzét | canonical |
Herkomst
ww, zn ómzet: ómzetten ww zonder de uitgang -en
Woordfamilie van omzet
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| omzetje | verkleinwoord | omzet |
| omzetjes | verkleinwoord meervoud | omzet |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van omzet zijn vastgelegd.