Naar de inhoud

miskomen

ongelegen komen

miskomen

werkwoord

Betekenis

  1. ongelegen komen

Vervoeging van miskomen

miskomenhele werkwoord — miskwamverleden tijd enkelvoud — miskwamenverleden tijd meervoud — miskomenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik miskom miskwam
jij miskomt miskwaamt
hij, zij, het miskomt miskwam
wij miskomen miskwamen
jullie miskomen miskwamen
zij miskomen miskwamen
Alle 56 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ben miskomen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent miskomen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
ev. gebiedende wijs
is miskomen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is miskomen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
miskom gebiedende wijs
miskome aanvoegende wijs
miskomen verleden tijd, deelwoord
miskomen te zullen zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
miskomen zullen zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
miskomend onvoltooid, deelwoord
miskwam verleden tijd
te miskomen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zijn miskomen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen miskomen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart miskomen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren miskomen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren miskomen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren miskomen voltooid, verleden tijd, derde persoon
was miskomen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was miskomen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was miskomen voltooid, verleden tijd, derde persoon
zal miskomen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal miskomen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal miskomen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal miskomen zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal miskomen zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal miskomen zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn miskomen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
zijn miskomen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn miskomen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn miskomen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt miskomen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou miskomen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou miskomen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou miskomen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou miskomen zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou miskomen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou miskomen zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden miskomen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden miskomen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden miskomen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden miskomen zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden miskomen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden miskomen zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt miskomen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt miskomen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen miskomen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen miskomen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen miskomen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen miskomen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen miskomen zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen miskomen zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen miskomen zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult miskomen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult miskomen zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

samenstelling van mis en komen ww

Woordfamilie van miskomen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
miskom gebiedende wijs miskomen
miskome aanvoegende wijs miskomen
miskomend onvoltooid deelwoord miskomen
miskomende woordvorm miskomen
miskomt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon miskomen
miskwam verleden tijd miskomen
miskwamen aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon miskomen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van miskomen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over miskomen

Wat betekent miskomen?
Miskomen is een werkwoord. Het woord betekent: ongelegen komen.
Hoe vervoeg je miskomen?
Je vervoegt miskomen als volgt: de tegenwoordige tijd is miskom, de verleden tijd is miskwam en het voltooid deelwoord is miskomen. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord miskomen is 15 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. M 3
  2. I 1
  3. S 2
  4. K 3
  5. O 1
  6. M 3
  7. E 1
  8. N 1
  9. 15 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

miskomen levert met Wordfeud minimaal 16 en maximaal 66 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. M 3
  2. I 2
  3. S 2
  4. K 3
  5. O 1
  6. M 3
  7. E 1
  8. N 1
  9. 16 zonder bonus
  10. 66 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (M) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

miskomen in het kort

miskomen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van miskomen zijn 33 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort miskomen bij een woordfamilie van 7 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

miskomen: ongelegen komen
Deel miskomen — standaardnederlands.nl