kwartelkoning
zelfstandig naamwoord ˈkwɑrtəlˌkonɪŋBetekenis
- in Nederland zeldzame ral die leeft in de graslanden met gelig kleed en kenmerkende roep
Hoe spreek je kwartelkoning uit?
/ˈkwɑrtəlˌkonɪŋ/
Kwartelkoning bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| w | quiz |
| ɑ | bad |
| r | rood |
| t | tak |
| ə | de |
| l | land |
| o | boot |
| n | nek |
| ɪ | pit |
| ŋ | ding |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
zelfstandig naamwoord — masculine
- bepaald soort vogel, Crex crex, in Nederland zeldzame ral die leeft in de graslanden met gelig kleed en kenmerkende roep
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| kwartelkoningen | meervoud |
| kwartelkoninkje | verkleinwoord, enkelvoud |
| kwartelkoninkjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van kwartel zn en koning zn , een verwijzing naar een Griekse fabel; in de betekenis van ‘ralvogel’ voor het eerst aangetroffen in 1763
Woordfamilie van kwartelkoning
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| kwartelkoningen | meervoud | kwartelkoning |
| kwartelkoninkje | verkleinwoord | kwartelkoning |
| kwartelkoninkjes | verkleinwoord meervoud | kwartelkoning |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van kwartelkoning zijn vastgelegd.