Naar de inhoud

kriebelen

licht jeuken

kriebelen

werkwoord

Betekenis

  1. licht jeuken
  2. met heel kleine letters schrijven

Vervoeging van kriebelen

kriebelenhele werkwoord — kriebeldeverleden tijd enkelvoud — kriebeldenverleden tijd meervoud — gekriebeldvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik kriebel kriebelde
jij kriebelt kriebelde
hij, zij, het kriebelt kriebelde
wij kriebelen kriebelden
jullie kriebelen kriebelden
zij kriebelen kriebelden
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
er is gekriebeld impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gekriebeld impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gekriebeld impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gekriebeld impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gekriebeld worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gekriebeld zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gekriebeld worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gekriebeld zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gekriebeld verleden tijd, deelwoord
gekriebeld te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gekriebeld zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gekriebeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gekriebeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gekriebeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gekriebeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gekriebeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gekriebeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gekriebeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gekriebeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gekriebeld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gekriebeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gekriebeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gekriebeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gekriebeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gekriebeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gekriebeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
kriebel gebiedende wijs
kriebelde verleden tijd
kriebele aanvoegende wijs
kriebelend onvoltooid, deelwoord
te hebben gekriebeld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te kriebelen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen kriebelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal gekriebeld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gekriebeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gekriebeld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal kriebelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal kriebelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal kriebelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou gekriebeld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gekriebeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gekriebeld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou kriebelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou kriebelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou kriebelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gekriebeld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gekriebeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gekriebeld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden kriebelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden kriebelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden kriebelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gekriebeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt kriebelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gekriebeld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gekriebeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gekriebeld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen kriebelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen kriebelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen kriebelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen kriebelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gekriebeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult kriebelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

In de betekenis van ‘krabbelen’ voor het eerst aangetroffen in 1847

Woordfamilie van kriebelen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gekriebeld voltooid deelwoord kriebelen
gekriebelde woordvorm kriebelen
kriebelde verleden tijd kriebelen
kriebelden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon kriebelen
kriebele aanvoegende wijs kriebelen
kriebelend onvoltooid deelwoord kriebelen
kriebelende woordvorm kriebelen
kriebelt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon kriebelen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van kriebelen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Verwante woorden

Veelgestelde vragen over kriebelen

Wat is de betekenis van kriebelen?
Kriebelen is een werkwoord. De betekenis is: licht jeuken. In totaal staan er 2 betekenissen.
Hoe vervoeg ik kriebelen?
Zo vervoeg je kriebelen zo: de tegenwoordige tijd is kriebel, de verleden tijd is kriebelde en het voltooid deelwoord is gekriebeld. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord kriebelen is 16 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. K 3
  2. R 2
  3. I 1
  4. E 1
  5. B 3
  6. E 1
  7. L 3
  8. E 1
  9. N 1
  10. 16 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

kriebelen levert met Wordfeud minimaal 18 en maximaal 78 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. K 3
  2. R 2
  3. I 2
  4. E 1
  5. B 4
  6. E 1
  7. L 3
  8. E 1
  9. N 1
  10. 18 zonder bonus
  11. 78 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (B) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

kriebelen in het kort

kriebelen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 2 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van kriebelen staan er 40 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort kriebelen bij een woordfamilie van 8 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

kriebelen: licht jeuken
Deel kriebelen — standaardnederlands.nl