kater
zelfstandig naamwoord ˈkatərBetekenis
- het mannetje van de kat
- het beroerde gevoel dat ontstaat na het gebruik van te veel alcohol
- veldbed
Hoe spreek je kater uit?
/ˈkatər/
Kater bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| a | maan |
| t | tak |
| ə | de |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- mannetje van de kat
- beroerde gevoel dat ontstaat na het gebruik van te veel alcohol
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| katers | meervoud |
| katertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| katertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
van Middelnederlands cater, op te vatten als afgeleid van kat zn met het achtervoegsel -er, in de betekenis van ‘mannetjeskat’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1297
Woordfamilie van kater
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| katers | meervoud | kater |
| katertje | verkleinwoord | kater |
| katertjes | verkleinwoord meervoud | kater |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van kater zijn vastgelegd.