hyena
zelfstandig naamwoord hiˈjenaBetekenis
- een carnivoor, aaseter en een middelgroot nachtroofdier
- een vlinder uit de familie van de uilen (Noctuidae)
Hoe spreek je hyena uit?
/hiˈjena/
Hyena bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| h | hoed |
| i | riet |
| j | ja |
| e | veel |
| n | nek |
| a | maan |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- benaming voor zoogdieren uit de onderfamilie Hyaeninae, middelgrote nachtroofdieren
- Cosmia trapezina een vlinder uit de familie van de uilen (Noctuidae)
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| hyena's | meervoud |
| hyenaatje | verkleinwoord, enkelvoud |
| hyenaatjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘hyena-achtige’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1552
Woordfamilie van hyena
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| hyenaatje | verkleinwoord | hyena |
| hyenaatjes | verkleinwoord meervoud | hyena |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van hyena zijn vastgelegd.