Naar de inhoud

graderen

het gehalte verhogen van (metalen)

graderen

werkwoord

Betekenis

  1. het gehalte verhogen van (metalen)
  2. op het voor de verdamping in de zoutpannen vereiste gehalte brengen
  3. frijnen

Vervoeging van graderen

graderenhele werkwoord — gradeerdeverleden tijd enkelvoud — gradeerdenverleden tijd meervoud — gegradeerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik gradeer gradeerde
jij gradeert gradeerde
hij, zij, het gradeert gradeerde
wij graderen gradeerden
jullie graderen gradeerden
zij graderen gradeerden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gegradeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gegradeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gegradeerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gegradeerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gegradeerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gegradeerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gegradeerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gegradeerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gegradeerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gegradeerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gegradeerd verleden tijd, deelwoord
gegradeerd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gegradeerd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gegradeerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gegradeerd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gegradeerd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gegradeerd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gegradeerd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gegradeerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gegradeerd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gegradeerd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gradeer gebiedende wijs
gradeerde verleden tijd
gradere aanvoegende wijs
graderend onvoltooid, deelwoord
had gegradeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gegradeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gegradeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gegradeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gegradeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gegradeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gegradeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gegradeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gegradeerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gegradeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gegradeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gegradeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gegradeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gegradeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gegradeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gegradeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gegradeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te graderen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gegradeerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen graderen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gegradeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gegradeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gegradeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gegradeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gegradeerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gegradeerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gegradeerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gegradeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gegradeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gegradeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gegradeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gegradeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gegradeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gegradeerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gegradeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gegradeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gegradeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gegradeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gegradeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gegradeerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal gegradeerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gegradeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gegradeerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gegradeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gegradeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gegradeerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gegradeerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal graderen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal graderen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal graderen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gegradeerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gegradeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gegradeerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gegradeerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou gegradeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gegradeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gegradeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gegradeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gegradeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gegradeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gegradeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gegradeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gegradeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou graderen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou graderen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou graderen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gegradeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gegradeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gegradeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gegradeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gegradeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gegradeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gegradeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gegradeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gegradeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden graderen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden graderen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden graderen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gegradeerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gegradeerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gegradeerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt graderen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gegradeerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gegradeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gegradeerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gegradeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gegradeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gegradeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gegradeerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gegradeerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gegradeerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen graderen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen graderen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen graderen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen graderen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gegradeerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gegradeerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gegradeerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult graderen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

afgeleid van graad met het achtervoegsel -eren

Woordfamilie van graderen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gegradeerd voltooid deelwoord graderen
gegradeerde woordvorm graderen
gradeer gebiedende wijs graderen
gradeerde verleden tijd graderen
gradeerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon graderen
gradeert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon graderen
gradere aanvoegende wijs graderen
graderend onvoltooid deelwoord graderen
graderende woordvorm graderen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van graderen zijn vastgelegd.

Verwante woorden

Veelgestelde vragen over graderen

Wat is de betekenis van graderen?
Graderen is een werkwoord. De betekenis is: het gehalte verhogen van (metalen). In totaal staan er 3 betekenissen.
Hoe vervoeg ik graderen?
Zo vervoeg je graderen zo: de tegenwoordige tijd is gradeer, de verleden tijd is gradeerde en het voltooid deelwoord is gegradeerd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord graderen is 13 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. G 3
  2. R 2
  3. A 1
  4. D 2
  5. E 1
  6. R 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 13 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

graderen levert met Wordfeud minimaal 13 en maximaal 57 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. G 3
  2. R 2
  3. A 1
  4. D 2
  5. E 1
  6. R 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 13 zonder bonus
  10. 57 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (G) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

graderen in het kort

graderen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 3 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van graderen staan er 75 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort graderen bij een woordfamilie van 9 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

graderen: het gehalte verhogen van (metalen)
Deel graderen — standaardnederlands.nl