eenheidsmunt
zelfstandig naamwoord ˈenhɛitsˌmʏntBetekenis
- Munteenheid die in meerdere landen wordt gebruikt
Hoe spreek je eenheidsmunt uit?
/ˈenhɛitsˌmʏnt/
Eenheidsmunt bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| e | veel |
| n | nek |
| h | hoed |
| ɛi | trein |
| t | tak |
| s | sok |
| m | maan |
| ʏ | put |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| eenheidsmunten | meervoud |
| eenheidsmuntje | verkleinwoord, enkelvoud |
| eenheidsmuntjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van eenheid en munt met het invoegsel -s-
Woordfamilie van eenheidsmunt
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| eenheidsmunten | meervoud | eenheidsmunt |
| eenheidsmuntje | verkleinwoord | eenheidsmunt |
| eenheidsmuntjes | verkleinwoord meervoud | eenheidsmunt |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van eenheidsmunt zijn vastgelegd.