dotter
zelfstandig naamwoord, werkwoord ˈdɔtərBetekenis
- met gele bloemen
- dochter.
- vrouwelijk persoon uit dezelfde geboortestreek of oorsproong.
- dochter
Hoe spreek je dotter uit?
/ˈdɔtər/
Dotter bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| ɔ | bot |
| t | tak |
| ə | de |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- plantensoort Caltha palustris met gele bloemen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| dotters | meervoud |
| dottertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| dottertjes | verkleinwoord, meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van dotteren
- gebiedende wijs van dotteren
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van dotteren
Vervoeging van dotter
dotterhele werkwoord
Herkomst
van dodder of van Duits Dotter "dooier", vanwege de eigele kleur van de bloem
Woordfamilie van dotter
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| dotters | meervoud | dotter |
| dottertje | verkleinwoord | dotter |
| dottertjes | verkleinwoord meervoud | dotter |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van dotter zijn vastgelegd.