Naar de inhoud

bevriezen

door afkoeling in vaste toestand komen

bevriezen

werkwoord bəˈvrizə(n)

Betekenis

  1. door afkoeling in vaste toestand komen
  2. door afkoeling ophouden met werken of beschadigd raken
  3. ineens ophouden met bewegen; verstijven; dichtklappen
  4. iets door afkoeling in vaste toestand doen komen
  5. iets blokkeren of niet verder laten toenemen

Hoe spreek je bevriezen uit?

/bəˈvrizən/

Bevriezen bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.

De tekens in /bəˈvrizən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
b bak
ə de
v vis
r rood
i riet
z zon
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van bevriezen

bevriezenhele werkwoord — bevroorverleden tijd enkelvoud — bevrorenverleden tijd meervoud — bevrorenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik bevries bevroor
jij bevriest bevroor
hij, zij, het bevriest bevroor
wij bevriezen bevroren
jullie bevriezen bevroren
zij bevriezen bevroren
Alle 99 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief, voltooid
ben bevroren voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent bevroren voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
bevries gebiedende wijs
bevrieze aanvoegende wijs
bevriezend onvoltooid, deelwoord
bevroor verleden tijd
bevroren verleden tijd, deelwoord
bevroren te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
bevroren te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
bevroren te zullen hebben/zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
bevroren te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
bevroren te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
bevroren worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
bevroren zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
bevroren zullen hebben/zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
bevroren zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
bevroren zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
er is bevroren impersonal, passief, voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon, voltooid
er was bevroren impersonal, passief, voltooid, verleden tijd, derde persoon, voltooid
er werd bevroren impersonal, passief, voltooid, verleden tijd, eerste persoon, onvoltooid
er wordt bevroren impersonal, passief, voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon, onvoltooid
er zal bevroren worden impersonal, passief, voltooid, toekomende tijd, eerste persoon, onvoltooid
er zal bevroren zijn impersonal, passief, voltooid, toekomende tijd, derde persoon, voltooid
er zou bevroren worden impersonal, passief, voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon, onvoltooid
er zou bevroren zijn impersonal, passief, voltooid, voorwaardelijk, derde persoon, voltooid
ev. gebiedende wijs
hebben bevroren actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
is bevroren voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is bevroren voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te bevriezen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben/zijn bevroren actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen bevriezen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart bevroren voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren bevroren voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren bevroren voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren bevroren voltooid, verleden tijd, derde persoon
was bevroren voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was bevroren voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was bevroren voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd bevroren enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd bevroren enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd bevroren enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden bevroren enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden bevroren enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden bevroren enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt bevroren enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word bevroren enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden bevroren enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden bevroren enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden bevroren enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt bevroren enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt bevroren enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal bevriezen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal bevriezen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal bevriezen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal bevroren worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal bevroren worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal bevroren zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal bevroren zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn bevroren actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
zijn bevroren voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn bevroren voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn bevroren voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt bevroren voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou bevriezen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou bevriezen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou bevriezen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou bevroren worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou bevroren worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou bevroren worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou bevroren zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou bevroren zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou bevroren zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden bevriezen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden bevriezen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden bevriezen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden bevroren worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden bevroren worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden bevroren worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden bevroren zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden bevroren zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden bevroren zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt bevriezen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt bevroren worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt bevroren zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen bevriezen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen bevriezen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen bevriezen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen bevriezen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen bevroren worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen bevroren worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen bevroren worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen bevroren zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen bevroren zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen bevroren zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult bevriezen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult bevroren worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult bevroren zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

Afgeleid van vriezen met het voorvoegsel be-.

Woordfamilie van bevriezen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
bevries gebiedende wijs bevriezen
bevriest aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon bevriezen
bevrieze aanvoegende wijs bevriezen
bevriezend onvoltooid deelwoord bevriezen
bevriezende woordvorm bevriezen
bevroor verleden tijd bevriezen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bevriezen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over bevriezen

Hoe spreek ik bevriezen uit?
Zo spreek je bevriezen uit: /bəˈvrizə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft.
Wat is de betekenis van bevriezen?
Bevriezen is een werkwoord. De betekenis is: door afkoeling in vaste toestand komen. In totaal staan er 5 betekenissen.
Hoe vervoeg ik bevriezen?
Zo vervoeg je bevriezen zo: de tegenwoordige tijd is bevries, de verleden tijd is bevroor en het voltooid deelwoord is bevroren. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op bevriezen?

Bevriezen rijmt op 18 woorden op -iezen; kiezen, niezen en verliezen bijvoorbeeld. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op bevriezen, uitspraak bəˈvrizən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
kiezen 2
niezen 2
verliezen 3
vriezen 2
verkiezen 3
biezen 2
smiezen 2
preciezen 3
adervliezen 4
driezen 2
gallemiezen 4
katalysen 4
portegiezen 4
releasen 3
spiezen 2
tijdverliezen 4
verkoopanalysen 6
wrijvingsverliezen 5

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord bevriezen is 18 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. B 3
  2. E 1
  3. V 4
  4. R 2
  5. I 1
  6. E 1
  7. Z 4
  8. E 1
  9. N 1
  10. 18 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

bevriezen levert met Wordfeud minimaal 21 en maximaal 93 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. B 4
  2. E 1
  3. V 4
  4. R 2
  5. I 2
  6. E 1
  7. Z 5
  8. E 1
  9. N 1
  10. 21 zonder bonus
  11. 93 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (Z) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

bevriezen in het kort

bevriezen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 5 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van bevriezen staan er 63 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort bevriezen bij een woordfamilie van 6 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

bevriezen: door afkoeling in vaste toestand komen
Deel bevriezen — standaardnederlands.nl