Naar de inhoud

bannen

iemand de toegang tot iets weigeren

bannen is meer dan één woord

bannen

werkwoord, zelfstandig naamwoord

Betekenis

  1. iemand de toegang tot iets weigeren
  2. uitbannen
  3. verbannen, verdrijven

werkwoord

  1. iets verwijderen; iets niet toelaten

Vervoeging van bannen

bannenhele werkwoord — bandeverleden tijd enkelvoud — bandenverleden tijd meervoud — gebannenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik ban bande
jij bant bande
hij, zij, het bant bande
wij bannen banden
jullie bannen banden
zij bannen banden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ban gebiedende wijs
bande verleden tijd
banne aanvoegende wijs
bannend onvoltooid, deelwoord
ben gebannen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gebannen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gebannen impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gebannen impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gebannen impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gebannen impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gebannen worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gebannen zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gebannen worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gebannen zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gebannen verleden tijd, deelwoord
gebannen te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gebannen te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gebannen te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gebannen te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gebannen te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gebannen worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gebannen zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gebannen zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gebannen zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gebannen zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gebannen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gebannen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gebannen voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gebannen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gebannen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gebannen voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gebannen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gebannen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gebannen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gebannen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gebannen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gebannen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gebannen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gebannen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gebannen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gebannen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gebannen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te bannen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gebannen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen bannen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gebannen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gebannen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gebannen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gebannen voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gebannen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gebannen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gebannen voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gebannen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gebannen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gebannen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gebannen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gebannen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gebannen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gebannen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gebannen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gebannen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gebannen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gebannen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gebannen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gebannen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal bannen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal bannen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal bannen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal gebannen hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gebannen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gebannen hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gebannen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gebannen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gebannen zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gebannen zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn gebannen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gebannen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gebannen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gebannen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou bannen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou bannen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou bannen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou gebannen hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gebannen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gebannen hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gebannen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gebannen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gebannen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gebannen zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gebannen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gebannen zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden bannen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden bannen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden bannen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden gebannen hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gebannen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gebannen hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gebannen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gebannen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gebannen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gebannen zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gebannen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gebannen zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt bannen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt gebannen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gebannen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gebannen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen bannen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen bannen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen bannen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen bannen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen gebannen hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gebannen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gebannen hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gebannen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gebannen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gebannen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gebannen zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gebannen zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gebannen zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult bannen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult gebannen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gebannen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gebannen zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord ban

Herkomst

van Middelnederlands bannen

Woordfamilie van bannen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
bande verleden tijd bannen
bannend onvoltooid deelwoord bannen
bannende woordvorm bannen
bant aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon bannen
gebannen voltooid deelwoord bannen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bannen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over bannen

Wat is de betekenis van bannen?
Bannen is een werkwoord. De betekenis is: iemand de toegang tot iets weigeren. In totaal staan er 4 betekenissen.
Hoe vervoeg ik bannen?
Zo vervoeg je bannen zo: de tegenwoordige tijd is ban, de verleden tijd is bande en het voltooid deelwoord is gebannen. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord bannen is 8 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. B 3
  2. A 1
  3. N 1
  4. N 1
  5. E 1
  6. N 1
  7. 8 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

bannen levert met Wordfeud minimaal 9 en maximaal 51 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. B 4
  2. A 1
  3. N 1
  4. N 1
  5. E 1
  6. N 1
  7. 9 zonder bonus
  8. 51 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (B) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

bannen telt 6 letters, waarvan 4 verschillende, want 2 letters komen er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 13.213 woorden van 6 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

bannen in het kort

bannen is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Wat het is, hangt af van de zin. Hierboven vind je 4 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van bannen staan er 76 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort bannen bij een woordfamilie van 5 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

bannen: iemand de toegang tot iets weigeren
Deel bannen — standaardnederlands.nl