Naar de inhoud

achteruitgaan

slechter worden, verminderen in kwaliteit of kwantiteit

achteruitgaan

werkwoord ˌɑxtəˈrœytxan

Betekenis

  1. slechter worden, verminderen in kwaliteit of kwantiteit
  2. naar achteren gaan, achteruitlopen

Hoe spreek je achteruitgaan uit?

/ˌɑxtəˈrœytxan/

Achteruitgaan bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.

De tekens in /ˌɑxtəˈrœytxan/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
ɑ bad
x acht
t tak
ə de
r rood
œy huis
a maan
n nek
ˌ een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van achteruitgaan

achteruitgaanhele werkwoord — ging achteruitverleden tijd enkelvoud — gingen achteruitverleden tijd meervoud — achteruitgegaanvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik ga achteruit ging achteruit
jij gaat achteruit ging achteruit
hij, zij, het gaat achteruit ging achteruit
wij gaan achteruit gingen achteruit
jullie gaan achteruit gingen achteruit
zij gaan achteruit gingen achteruit
Alle 76 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
achteruit te gaan actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
achteruit te zullen gaan actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
achteruit zal gaan bijzin, toekomende tijd
achteruit zou gaan bijzin, voorwaardelijk
achteruit zouden gaan bijzin, voorwaardelijk
achteruit zoudt gaan bijzin, voorwaardelijk
achteruit zullen gaan actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
achteruit zullen gaan bijzin, toekomende tijd
achteruit zult gaan bijzin, toekomende tijd
achteruitga bijzin, tegenwoordige tijd
achteruitgaand onvoltooid, deelwoord
achteruitgaat bijzin, tegenwoordige tijd
achteruitgegaan verleden tijd, deelwoord
achteruitgegaan te zullen zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
achteruitgegaan zullen zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
achteruitging bijzin, verleden tijd
achteruitgingen bijzin, verleden tijd
achteruitgingt bijzin, verleden tijd
ben achteruitgegaan voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent achteruitgegaan voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
ev. gebiedende wijs
ga achteruit gebiedende wijs
ging achteruit verleden tijd
is achteruitgegaan voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is achteruitgegaan voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te zijn achteruitgegaan actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen achteruitgaan actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart achteruitgegaan voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren achteruitgegaan voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren achteruitgegaan voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren achteruitgegaan voltooid, verleden tijd, derde persoon
was achteruitgegaan voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was achteruitgegaan voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was achteruitgegaan voltooid, verleden tijd, derde persoon
zal achteruitgaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal achteruitgaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal achteruitgaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal achteruitgaan bijzin, toekomende tijd
zal achteruitgegaan zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal achteruitgegaan zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal achteruitgegaan zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn achteruitgegaan actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
zijn achteruitgegaan voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn achteruitgegaan voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn achteruitgegaan voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt achteruitgegaan voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou achteruitgaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou achteruitgaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou achteruitgaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou achteruitgaan bijzin, voorwaardelijk
zou achteruitgegaan zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou achteruitgegaan zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou achteruitgegaan zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou(dt) achteruitgaan achteruit zou(dt) gaan bijzin, voorwaardelijk
zouden achteruitgaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden achteruitgaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden achteruitgaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden achteruitgaan bijzin, voorwaardelijk
zouden achteruitgegaan zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden achteruitgegaan zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden achteruitgegaan zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt achteruitgaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt achteruitgaan bijzin, voorwaardelijk
zoudt achteruitgegaan zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen achteruitgaan actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen achteruitgaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen achteruitgaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen achteruitgaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen achteruitgaan bijzin, toekomende tijd
zullen achteruitgegaan zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen achteruitgegaan zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen achteruitgegaan zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult achteruitgaan aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult achteruitgaan bijzin, toekomende tijd
zult achteruitgegaan zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult/zal achteruitgaan achteruit zult/zal gaan bijzin, toekomende tijd

Herkomst

samenstelling van achteruit bw en gaan ww

Woordfamilie van achteruitgaan

Woordvorm Relatie Afgeleid van
achteruitga subordinate-clause, tegenwoordige tijd achteruitgaan
achteruitgaand onvoltooid deelwoord achteruitgaan
achteruitgaande woordvorm achteruitgaan
achteruitgaat subordinate-clause, tegenwoordige tijd achteruitgaan
achteruitgegaan voltooid deelwoord achteruitgaan
achteruitging subordinate-clause, verleden tijd achteruitgaan
achteruitgingen subordinate-clause, verleden tijd achteruitgaan
ga achteruit gebiedende wijs achteruitgaan
gaan achteruit aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon achteruitgaan
gaat achteruit aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon achteruitgaan
ging achteruit verleden tijd achteruitgaan
gingen achteruit aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon achteruitgaan

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van achteruitgaan zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over achteruitgaan

Hoe spreek je achteruitgaan uit?
De uitspraak van achteruitgaan is: /ˌɑxtəˈrœytxan/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd.
Wat betekent achteruitgaan?
Achteruitgaan is een werkwoord. Het woord betekent: slechter worden, verminderen in kwaliteit of kwantiteit. Deze pagina beschrijft 2 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je achteruitgaan?
Je vervoegt achteruitgaan als volgt: het voltooid deelwoord is achteruitgegaan. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op achteruitgaan?

Op achteruitgaan rijmen 3 woorden, onder andere uitgaan, vooruitgaan en onderuitgaan. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op achteruitgaan, uitspraak ˌɑxtəˈrœytxan, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
uitgaan 2
vooruitgaan 3
onderuitgaan 4

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord achteruitgaan is 28 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. A 1
  2. C 5
  3. H 4
  4. T 2
  5. E 1
  6. R 2
  7. U 4
  8. I 1
  9. T 2
  10. G 3
  11. A 1
  12. A 1
  13. N 1
  14. 28 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

achteruitgaan levert met Wordfeud minimaal 27 en maximaal 111 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. A 1
  2. C 5
  3. H 4
  4. T 2
  5. E 1
  6. R 2
  7. U 2
  8. I 2
  9. T 2
  10. G 3
  11. A 1
  12. A 1
  13. N 1
  14. 27 zonder bonus
  15. 111 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

achteruitgaan in het kort

achteruitgaan staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 2 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van achteruitgaan zijn 48 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort achteruitgaan bij een woordfamilie van 12 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

achteruitgaan: slechter worden, verminderen in kwaliteit of kwantiteit
Deel achteruitgaan — standaardnederlands.nl