achteruitgang
zelfstandig naamwoord ˈɑxtərˌœytxɑŋBetekenis
- uitgang aan de achterzijde.
- het verminderen van de situatie, afname, het komen in een ongunstiger toestand
Hoe spreek je achteruitgang uit?
/ˈɑxtərˌœytxɑŋ/
Achteruitgang bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɑ | bad |
| x | acht |
| t | tak |
| ə | de |
| r | rood |
| œy | huis |
| ŋ | ding |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
zelfstandig naamwoord — masculine
- verminderde aantrekkelijkheid van de situatie, voortgaande ongunstige verandering
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| achteruitgangen | meervoud |
| achteruitgangetje | verkleinwoord, enkelvoud |
| achteruitgangetjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
áchteruitgang: samenstelling van achter bw en uitgang zn
Woordfamilie van achteruitgang
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| achteruitgangen | meervoud | achteruitgang |
| achteruitgangetje | verkleinwoord | achteruitgang |
| achteruitgangetjes | verkleinwoord meervoud | achteruitgang |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van achteruitgang zijn vastgelegd.