Naar de inhoud

wegblazen

met een sterke luchtstroom verwijderen

wegblazen

werkwoord ˈwɛɣblazə(n)

Betekenis

  1. met een sterke luchtstroom verwijderen

Hoe spreek je wegblazen uit?

/ˈwɛxblazən/

Wegblazen bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈwɛxblazən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
w quiz
ɛ bed
x acht
b bak
l land
a maan
z zon
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van wegblazen

wegblazenhele werkwoord — blies wegverleden tijd enkelvoud — bliezen wegverleden tijd meervoud — weggeblazenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik blaas weg blies weg
jij blaast weg blies weg
hij, zij, het blaast weg blies weg
wij blazen weg bliezen weg
jullie blazen weg bliezen weg
zij blazen weg bliezen weg
Alle 145 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben weggeblazen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent weggeblazen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
blaas weg gebiedende wijs
blies weg verleden tijd
er is weggeblazen impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was weggeblazen impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd weggeblazen impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt weggeblazen impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal weggeblazen worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal weggeblazen zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou weggeblazen worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou weggeblazen zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had weggeblazen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had weggeblazen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had weggeblazen voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden weggeblazen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden weggeblazen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden weggeblazen voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt weggeblazen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb weggeblazen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben weggeblazen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben weggeblazen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben weggeblazen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben weggeblazen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt weggeblazen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft weggeblazen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft weggeblazen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is weggeblazen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is weggeblazen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben weggeblazen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen wegblazen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart weggeblazen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren weggeblazen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren weggeblazen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren weggeblazen voltooid, verleden tijd, derde persoon
was weggeblazen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was weggeblazen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was weggeblazen voltooid, verleden tijd, derde persoon
weg te blazen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
weg te zullen blazen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
weg zal blazen bijzin, toekomende tijd
weg zou blazen bijzin, voorwaardelijk
weg zouden blazen bijzin, voorwaardelijk
weg zoudt blazen bijzin, voorwaardelijk
weg zullen blazen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
weg zullen blazen bijzin, toekomende tijd
weg zult blazen bijzin, toekomende tijd
wegblaas bijzin, tegenwoordige tijd
wegblaast bijzin, tegenwoordige tijd
wegblazend onvoltooid, deelwoord
wegblies bijzin, verleden tijd
wegbliezen bijzin, verleden tijd
weggeblazen verleden tijd, deelwoord
weggeblazen te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
weggeblazen te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
weggeblazen te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
weggeblazen te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
weggeblazen te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
weggeblazen worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
weggeblazen zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
weggeblazen zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
weggeblazen zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
weggeblazen zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
werd weggeblazen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd weggeblazen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd weggeblazen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden weggeblazen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden weggeblazen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden weggeblazen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt weggeblazen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word weggeblazen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden weggeblazen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden weggeblazen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden weggeblazen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt weggeblazen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt weggeblazen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal wegblazen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal wegblazen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal wegblazen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal wegblazen bijzin, toekomende tijd
zal weggeblazen hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal weggeblazen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal weggeblazen hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal weggeblazen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal weggeblazen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal weggeblazen zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal weggeblazen zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn weggeblazen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn weggeblazen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn weggeblazen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt weggeblazen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou wegblazen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou wegblazen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou wegblazen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou wegblazen bijzin, voorwaardelijk
zou weggeblazen hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou weggeblazen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou weggeblazen hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou weggeblazen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou weggeblazen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou weggeblazen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou weggeblazen zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou weggeblazen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou weggeblazen zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou(dt) wegblazen weg zou(dt) blazen bijzin, voorwaardelijk
zouden wegblazen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden wegblazen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden wegblazen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden wegblazen bijzin, voorwaardelijk
zouden weggeblazen hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden weggeblazen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden weggeblazen hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden weggeblazen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden weggeblazen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden weggeblazen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden weggeblazen zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden weggeblazen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden weggeblazen zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt wegblazen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt wegblazen bijzin, voorwaardelijk
zoudt weggeblazen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt weggeblazen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt weggeblazen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen wegblazen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen wegblazen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen wegblazen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen wegblazen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen wegblazen bijzin, toekomende tijd
zullen weggeblazen hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen weggeblazen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen weggeblazen hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen weggeblazen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen weggeblazen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen weggeblazen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen weggeblazen zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen weggeblazen zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen weggeblazen zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult wegblazen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

samenstelling van weg bw en blazen

Woordfamilie van wegblazen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
blaas weg gebiedende wijs wegblazen
blaast weg aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon wegblazen
blaze weg woordvorm wegblazen
blazen weg aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon wegblazen
blies weg verleden tijd wegblazen
bliezen weg aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon wegblazen
wegblaas subordinate-clause, tegenwoordige tijd wegblazen
wegblaast subordinate-clause, tegenwoordige tijd wegblazen
wegblaze with-subordinate-clause wegblazen
wegblazend onvoltooid deelwoord wegblazen
wegblazende woordvorm wegblazen
wegblies subordinate-clause, verleden tijd wegblazen
wegbliezen subordinate-clause, verleden tijd wegblazen
weggeblazen voltooid deelwoord wegblazen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van wegblazen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over wegblazen

Hoe spreek je wegblazen uit?
De uitspraak van wegblazen is: /ˈwɛɣblazə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent wegblazen?
Wegblazen is een werkwoord. Het woord betekent: met een sterke luchtstroom verwijderen.
Hoe vervoeg je wegblazen?
Je vervoegt wegblazen als volgt: het voltooid deelwoord is weggeblazen. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord wegblazen is 22 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. W 5
  2. E 1
  3. G 3
  4. B 3
  5. L 3
  6. A 1
  7. Z 4
  8. E 1
  9. N 1
  10. 22 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

wegblazen levert met Wordfeud minimaal 24 en maximaal 102 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. W 5
  2. E 1
  3. G 3
  4. B 4
  5. L 3
  6. A 1
  7. Z 5
  8. E 1
  9. N 1
  10. 24 zonder bonus
  11. 102 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (W) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

wegblazen in het kort

wegblazen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van wegblazen zijn 88 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort wegblazen bij een woordfamilie van 14 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

wegblazen: met een sterke luchtstroom verwijderen
Deel wegblazen — standaardnederlands.nl