Naar de inhoud

vrijen

relatie met iemand hebben

vrijen

werkwoord

Betekenis

  1. relatie met iemand hebben
  2. liefde bedrijven
  3. knuffelen en kussen

werkwoord

  1. de liefde bedrijven unergative

Vervoeging van vrijen

vrijenhele werkwoord — vreeverleden tijd enkelvoud — vreeënverleden tijd meervoud — gevreeënvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik vrij vree
jij vrijt vree
hij, zij, het vrijt vree
wij vrijen vreeën
jullie vrijen vreeën
zij vrijen vreeën
Alle 77 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
gevreeën actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gevreeën actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gevreeën verleden tijd, deelwoord
gevreeën voltooid, verleden tijd, eerste persoon
gevreeën voltooid, verleden tijd, tweede persoon
gevreeën voltooid, verleden tijd, derde persoon
gevreeën voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
gevreeën voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
gevreeën voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
gevreeën hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
gevreeën hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
gevreeën hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
gevreeën hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
gevreeën hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
gevreeën hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
gevreeën te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gevreeën zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gevrijd actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gevrijd actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gevrijd verleden tijd, deelwoord
had gevrijd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gevrijd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gevrijd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gevrijd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gevrijd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gevrijd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gevrijd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gevrijd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gevrijd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gevrijd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gevrijd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gevrijd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebt gevrijd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gevrijd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gevrijd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben gevrijd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te vrijen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen vrijen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
vree verleden tijd
vrij gebiedende wijs
vrijde verleden tijd
vrije aanvoegende wijs
vrijend onvoltooid, deelwoord
zal voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gevrijd voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gevrijd voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gevrijd voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal vrijen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal vrijen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal vrijen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gevrijd voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gevrijd voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gevrijd voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou vrijen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou vrijen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou vrijen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gevrijd voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gevrijd voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gevrijd voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden vrijen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden vrijen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden vrijen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gevrijd voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt vrijen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gevrijd voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gevrijd voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gevrijd voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen vrijen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen vrijen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen vrijen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen vrijen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gevrijd voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult vrijen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

In de betekenis van ‘minnekozen’ voor het eerst aangetroffen in 1240

Woordfamilie van vrijen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gevreeën voltooid deelwoord vrijen
gevrijd voltooid deelwoord vrijen
vreeën aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon vrijen
vrijde verleden tijd vrijen
vrijden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon vrijen
vrijend onvoltooid deelwoord vrijen
vrijende woordvorm vrijen
vrijt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon vrijen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van vrijen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over vrijen

Wat is de betekenis van vrijen?
Vrijen is een werkwoord. De betekenis is: relatie met iemand hebben. In totaal staan er 4 betekenissen.
Hoe vervoeg ik vrijen?
Zo vervoeg je vrijen zo: de tegenwoordige tijd is vrij, de verleden tijd is vree en het voltooid deelwoord is gevreeën. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord vrijen is 13 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. V 4
  2. R 2
  3. I 1
  4. J 4
  5. E 1
  6. N 1
  7. 13 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

vrijen levert met Wordfeud minimaal 14 en maximaal 66 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. V 4
  2. R 2
  3. I 2
  4. J 4
  5. E 1
  6. N 1
  7. 14 zonder bonus
  8. 66 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (V) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

vrijen telt 6 letters, waarvan 6 verschillende. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 13.213 woorden van 6 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

vrijen in het kort

vrijen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 4 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van vrijen staan er 41 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort vrijen bij een woordfamilie van 8 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

vrijen: relatie met iemand hebben
Deel vrijen — standaardnederlands.nl