Naar de inhoud

verstrijken

het verlopen van een tijdslimiet

verstrijken

werkwoord

Betekenis

  1. het verlopen van een tijdslimiet
  2. voortgaan en verloren gaan van de tijd in het algemeen

Vervoeging van verstrijken

verstrijkenhele werkwoord — verstreekverleden tijd enkelvoud — verstrekenverleden tijd meervoud — verstrekenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik verstrijk verstreek
jij verstrijkt verstreek
hij, zij, het verstrijkt verstreek
wij verstrijken verstreken
jullie verstrijken verstreken
zij verstrijken verstreken
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben verstreken voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent verstreken voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is verstreken impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was verstreken impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd verstreken impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt verstreken impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal verstreken worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal verstreken zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou verstreken worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou verstreken zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had verstreken voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had verstreken voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had verstreken voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden verstreken voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden verstreken voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden verstreken voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt verstreken voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb verstreken voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verstreken actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben verstreken voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verstreken voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben verstreken voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt verstreken voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verstreken voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verstreken voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is verstreken voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is verstreken voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben verstreken actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te verstrijken actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen verstrijken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verstreek verleden tijd
verstreken verleden tijd, deelwoord
verstreken te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
verstreken te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
verstreken te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verstreken te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verstreken te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verstreken worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
verstreken zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
verstreken zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verstreken zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
verstreken zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verstrijk gebiedende wijs
verstrijke aanvoegende wijs
verstrijkend onvoltooid, deelwoord
waart verstreken voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren verstreken voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren verstreken voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren verstreken voltooid, verleden tijd, derde persoon
was verstreken voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was verstreken voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was verstreken voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd verstreken enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd verstreken enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd verstreken enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden verstreken enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden verstreken enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden verstreken enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt verstreken enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word verstreken enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden verstreken enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden verstreken enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden verstreken enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt verstreken enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt verstreken enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal verstreken hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verstreken hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal verstreken hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal verstreken worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verstreken worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal verstreken zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verstreken zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal verstrijken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal verstrijken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal verstrijken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn verstreken voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn verstreken voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn verstreken voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt verstreken voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou verstreken hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verstreken hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verstreken hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou verstreken worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verstreken worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou verstreken worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verstreken zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verstreken zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verstreken zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou verstrijken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou verstrijken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou verstrijken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden verstreken hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verstreken hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verstreken hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verstreken worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verstreken worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verstreken worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verstreken zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verstreken zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verstreken zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verstrijken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verstrijken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verstrijken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt verstreken hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verstreken worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verstreken zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verstrijken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen verstreken hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verstreken hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verstreken hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verstreken worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verstreken worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verstreken worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verstreken zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verstreken zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verstreken zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verstrijken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen verstrijken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verstrijken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verstrijken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult verstreken hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verstreken worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verstreken zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verstrijken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

afgeleid van strijken met het voorvoegsel ver-

Woordfamilie van verstrijken

Woordvorm Relatie Afgeleid van
verstreek verleden tijd verstrijken
verstreken voltooid deelwoord verstrijken
verstrijk gebiedende wijs verstrijken
verstrijke aanvoegende wijs verstrijken
verstrijkend onvoltooid deelwoord verstrijken
verstrijkende woordvorm verstrijken
verstrijkt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon verstrijken

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van verstrijken zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over verstrijken

Wat is de betekenis van verstrijken?
Verstrijken is een werkwoord. De betekenis is: het verlopen van een tijdslimiet. In totaal staan er 2 betekenissen.
Hoe vervoeg ik verstrijken?
Zo vervoeg je verstrijken zo: de tegenwoordige tijd is verstrijk, de verleden tijd is verstreek en het voltooid deelwoord is verstreken. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord verstrijken is 23 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. S 2
  5. T 2
  6. R 2
  7. I 1
  8. J 4
  9. K 3
  10. E 1
  11. N 1
  12. 23 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

verstrijken levert met Wordfeud minimaal 24 en maximaal 96 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. S 2
  5. T 2
  6. R 2
  7. I 2
  8. J 4
  9. K 3
  10. E 1
  11. N 1
  12. 24 zonder bonus
  13. 96 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (V) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

verstrijken in het kort

verstrijken staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 2 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van verstrijken staan er 74 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort verstrijken bij een woordfamilie van 7 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

verstrijken: het verlopen van een tijdslimiet
Deel verstrijken — standaardnederlands.nl