Naar de inhoud

verschuiven

het proces van in contact met de grond zich voortbewegen

verschuiven

werkwoord

Betekenis

  1. het proces van in contact met de grond zich voortbewegen
  2. iets in contact met de grond doen voortbewegen
  3. naar een andere datum, tijdstip of bestemming verplaatsen

Vervoeging van verschuiven

verschuivenhele werkwoord — verschoofverleden tijd enkelvoud — verschovenverleden tijd meervoud — verschovenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik verschuif verschoof
jij verschuift verschoof
hij, zij, het verschuift verschoof
wij verschuiven verschoven
jullie verschuiven verschoven
zij verschuiven verschoven
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben verschoven voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent verschoven voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is verschoven impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was verschoven impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd verschoven impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt verschoven impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal verschoven worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal verschoven zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou verschoven worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou verschoven zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had verschoven voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had verschoven voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had verschoven voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden verschoven voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden verschoven voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden verschoven voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt verschoven voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb verschoven voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verschoven actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben verschoven voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verschoven voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben verschoven voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt verschoven voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verschoven voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verschoven voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is verschoven voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is verschoven voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben verschoven actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te verschuiven actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen verschuiven actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verschoof verleden tijd
verschoven verleden tijd, deelwoord
verschoven te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
verschoven te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
verschoven te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verschoven te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verschoven te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verschoven worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
verschoven zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
verschoven zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verschoven zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
verschoven zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verschuif gebiedende wijs
verschuive aanvoegende wijs
verschuivend onvoltooid, deelwoord
waart verschoven voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren verschoven voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren verschoven voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren verschoven voltooid, verleden tijd, derde persoon
was verschoven voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was verschoven voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was verschoven voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd verschoven enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd verschoven enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd verschoven enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden verschoven enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden verschoven enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden verschoven enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt verschoven enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word verschoven enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden verschoven enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden verschoven enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden verschoven enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt verschoven enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt verschoven enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal verschoven hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verschoven hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal verschoven hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal verschoven worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verschoven worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal verschoven zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verschoven zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal verschuiven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal verschuiven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal verschuiven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn verschoven voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn verschoven voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn verschoven voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt verschoven voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou verschoven hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verschoven hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verschoven hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou verschoven worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verschoven worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou verschoven worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verschoven zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verschoven zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verschoven zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou verschuiven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou verschuiven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou verschuiven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden verschoven hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verschoven hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verschoven hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verschoven worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verschoven worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verschoven worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verschoven zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verschoven zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verschoven zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verschuiven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verschuiven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verschuiven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt verschoven hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verschoven worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verschoven zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verschuiven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen verschoven hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verschoven hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verschoven hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verschoven worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verschoven worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verschoven worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verschoven zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verschoven zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verschoven zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verschuiven actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen verschuiven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verschuiven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verschuiven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult verschoven hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verschoven worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verschoven zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verschuiven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Afgeleid van schuiven met het voorvoegsel ver-

Woordfamilie van verschuiven

Woordvorm Relatie Afgeleid van
verschoof verleden tijd verschuiven
verschoven voltooid deelwoord verschuiven
verschuif gebiedende wijs verschuiven
verschuift aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon verschuiven
verschuive aanvoegende wijs verschuiven
verschuivend onvoltooid deelwoord verschuiven
verschuivende woordvorm verschuiven

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van verschuiven zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over verschuiven

Wat betekent verschuiven?
Verschuiven is een werkwoord. Het woord betekent: het proces van in contact met de grond zich voortbewegen. Deze pagina beschrijft 3 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je verschuiven?
Je vervoegt verschuiven als volgt: de tegenwoordige tijd is verschuif, de verleden tijd is verschoof en het voltooid deelwoord is verschoven. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord verschuiven is 29 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. S 2
  5. C 5
  6. H 4
  7. U 4
  8. I 1
  9. V 4
  10. E 1
  11. N 1
  12. 29 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

verschuiven levert met Wordfeud minimaal 28 en maximaal 114 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. S 2
  5. C 5
  6. H 4
  7. U 2
  8. I 2
  9. V 4
  10. E 1
  11. N 1
  12. 28 zonder bonus
  13. 114 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

verschuiven in het kort

verschuiven staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 3 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van verschuiven zijn 74 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort verschuiven bij een woordfamilie van 7 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

verschuiven: het proces van in contact met de grond zich voortbewegen
Deel verschuiven — standaardnederlands.nl