verdwazen
werkwoordBetekenis
- dwaas maken/dwaas worden
Vervoeging van verdwazen
verdwazenhele werkwoord — verdwaasdeverleden tijd enkelvoud — verdwaasdenverleden tijd meervoud — verdwaasdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | verdwaas | verdwaasde |
| jij | verdwaast | verdwaasde |
| hij, zij, het | verdwaast | verdwaasde |
| wij | verdwazen | verdwaasden |
| jullie | verdwazen | verdwaasden |
| zij | verdwazen | verdwaasden |
Alle 56 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| ben verdwaasd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent verdwaasd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| ev. | gebiedende wijs |
| is verdwaasd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is verdwaasd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te verdwazen | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zijn verdwaasd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen verdwazen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| verdwaas | gebiedende wijs |
| verdwaasd | verleden tijd, deelwoord |
| verdwaasd te zullen zijn | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| verdwaasd zullen zijn | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| verdwaasde | verleden tijd |
| verdwaze | aanvoegende wijs |
| verdwazend | onvoltooid, deelwoord |
| waart verdwaasd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren verdwaasd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren verdwaasd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren verdwaasd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was verdwaasd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was verdwaasd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was verdwaasd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| zal verdwaasd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal verdwaasd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal verdwaasd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal verdwazen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal verdwazen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal verdwazen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn verdwaasd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| zijn verdwaasd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn verdwaasd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn verdwaasd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt verdwaasd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou verdwaasd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou verdwaasd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou verdwaasd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou verdwazen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou verdwazen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou verdwazen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden verdwaasd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden verdwaasd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden verdwaasd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden verdwazen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden verdwazen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden verdwazen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt verdwaasd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt verdwazen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen verdwaasd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen verdwaasd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen verdwaasd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen verdwazen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen verdwazen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen verdwazen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen verdwazen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult verdwaasd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult verdwazen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
Afgeleid van dwazen met het voorvoegsel ver-.
Woordfamilie van verdwazen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| verdwaas | gebiedende wijs | verdwazen |
| verdwaast | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | verdwazen |
| verdwaze | aanvoegende wijs | verdwazen |
| verdwazend | onvoltooid deelwoord | verdwazen |
| verdwazende | woordvorm | verdwazen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van verdwazen zijn vastgelegd.