ventileren
werkwoordBetekenis
- verse lucht in een ruimte brengen, uitluchten, luchten
- uiten, uitdrukken, spuien
Vervoeging van ventileren
ventilerenhele werkwoord — ventileerdeverleden tijd enkelvoud — ventileerdenverleden tijd meervoud — geventileerdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | ventileer | ventileerde |
| jij | ventileert | ventileerde |
| hij, zij, het | ventileert | ventileerde |
| wij | ventileren | ventileerden |
| jullie | ventileren | ventileerden |
| zij | ventileren | ventileerden |
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| er is geventileerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was geventileerd | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd geventileerd | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt geventileerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal geventileerd worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal geventileerd zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou geventileerd worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou geventileerd zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| geventileerd | verleden tijd, deelwoord |
| geventileerd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| geventileerd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had geventileerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had geventileerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had geventileerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden geventileerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden geventileerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden geventileerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt geventileerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb geventileerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben geventileerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben geventileerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben geventileerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben geventileerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt geventileerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft geventileerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft geventileerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te hebben geventileerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te ventileren | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen ventileren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| ventileer | gebiedende wijs |
| ventileerde | verleden tijd |
| ventilere | aanvoegende wijs |
| ventilerend | onvoltooid, deelwoord |
| zal geventileerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal geventileerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal geventileerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal ventileren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal ventileren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal ventileren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zou geventileerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou geventileerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou geventileerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou ventileren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou ventileren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou ventileren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden geventileerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden geventileerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden geventileerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden ventileren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden ventileren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden ventileren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt geventileerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt ventileren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen geventileerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen geventileerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen geventileerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen ventileren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen ventileren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen ventileren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen ventileren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult geventileerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult ventileren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘lucht verversen’ voor het eerst aangetroffen in 1833
Woordfamilie van ventileren
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| geventileerd | voltooid deelwoord | ventileren |
| geventileerde | woordvorm | ventileren |
| ventileer | gebiedende wijs | ventileren |
| ventileerde | verleden tijd | ventileren |
| ventileerden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | ventileren |
| ventileert | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | ventileren |
| ventilere | aanvoegende wijs | ventileren |
| ventilerend | onvoltooid deelwoord | ventileren |
| ventilerende | woordvorm | ventileren |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van ventileren zijn vastgelegd.