Naar de inhoud

vastklampen

door middel van klampen vast zetten

vastklampen

werkwoord ˈvɑs(t)klɑmpə(n)

Betekenis

  1. door middel van klampen vast zetten
  2. zich met inspanning ergens aan vasthouden

Hoe spreek je vastklampen uit?

/ˈvɑstklɑmpən/

Vastklampen bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈvɑstklɑmpən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
v vis
ɑ bad
s sok
t tak
k kat
l land
m maan
p pak
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

werkwoord

  1. door middel van klampen vastzetten transitive

Vervoeging van vastklampen

vastklampenhele werkwoord — klampte vastverleden tijd enkelvoud — klampten vastverleden tijd meervoud — vastgeklamptvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik klamp vast klampte vast
jij klampt vast klampte vast
hij, zij, het klampt vast klampte vast
wij klampen vast klampten vast
jullie klampen vast klampten vast
zij klampen vast klampten vast
Alle 87 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
had vastgeklampt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had vastgeklampt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had vastgeklampt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden vastgeklampt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden vastgeklampt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden vastgeklampt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt vastgeklampt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb vastgeklampt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben vastgeklampt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben vastgeklampt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben vastgeklampt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben vastgeklampt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt vastgeklampt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft vastgeklampt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft vastgeklampt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
klamp u/je vast, klampt je vast gebiedende wijs
klamp vast gebiedende wijs
klampte vast verleden tijd
te hebben vastgeklampt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen vastklampen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
vast te klampen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
vast te zullen klampen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
vast zal klampen bijzin, toekomende tijd
vast zou klampen bijzin, voorwaardelijk
vast zouden klampen bijzin, voorwaardelijk
vast zoudt klampen bijzin, voorwaardelijk
vast zullen klampen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
vast zullen klampen bijzin, toekomende tijd
vast zult klampen bijzin, toekomende tijd
vastgeklampt verleden tijd, deelwoord
vastgeklampt te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
vastgeklampt zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
vastklamp bijzin, tegenwoordige tijd
vastklampend onvoltooid, deelwoord
vastklampt bijzin, tegenwoordige tijd
vastklampte bijzin, verleden tijd
vastklampten bijzin, verleden tijd
zal me vastklampen eerste persoon, toekomende tijd, enkelvoud
zal vastgeklampt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal vastgeklampt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal vastgeklampt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal vastklampen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal vastklampen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal vastklampen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal vastklampen bijzin, toekomende tijd
zal zich vastklampen derde persoon, toekomende tijd, enkelvoud
zal, zult je vastklampen tweede persoon, toekomende tijd, enkelvoud
zich vastgeklampt hebben verleden tijd
zich vastklampend onvoltooid, deelwoord
zou vastgeklampt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou vastgeklampt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou vastgeklampt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou vastklampen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou vastklampen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou vastklampen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou vastklampen bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) vastklampen vast zou(dt) klampen bijzin, voorwaardelijk
zouden vastgeklampt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden vastgeklampt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden vastgeklampt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden vastklampen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden vastklampen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden vastklampen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden vastklampen bijzin, voorwaardelijk
zoudt vastgeklampt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt vastklampen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt vastklampen bijzin, voorwaardelijk
zullen je vastklampen tweede persoon, toekomende tijd, meervoud
zullen ons vastklampen eerste persoon, toekomende tijd, meervoud
zullen vastgeklampt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen vastgeklampt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen vastgeklampt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen vastklampen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen vastklampen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen vastklampen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen vastklampen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen vastklampen bijzin, toekomende tijd
zullen zich vastklampen derde persoon, toekomende tijd, meervoud
zult u vastklampen tweede persoon
zult u vastklampen tweede persoon, toekomende tijd, meervoud
zult vastgeklampt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult vastklampen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult vastklampen bijzin, toekomende tijd
zult zich/u vastklampen tweede persoon
zult zich/u vastklampen tweede persoon, toekomende tijd, meervoud
zult/zal vastklampen vast zult/zal klampen bijzin, toekomende tijd

Herkomst

samenstelling van vast en klampen

Woordfamilie van vastklampen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
klamp vast gebiedende wijs vastklampen
klampe vast woordvorm vastklampen
klampen vast aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon vastklampen
klampt vast aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon vastklampen
klampte vast verleden tijd vastklampen
klampten vast aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon vastklampen
vastgeklampt voltooid deelwoord vastklampen
vastgeklampte woordvorm vastklampen
vastklamp subordinate-clause, tegenwoordige tijd vastklampen
vastklampe with-subordinate-clause vastklampen
vastklampend onvoltooid deelwoord vastklampen
vastklampende woordvorm vastklampen
vastklampt subordinate-clause, tegenwoordige tijd vastklampen
vastklampte subordinate-clause, verleden tijd vastklampen
vastklampten subordinate-clause, verleden tijd vastklampen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van vastklampen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over vastklampen

Hoe spreek ik vastklampen uit?
Zo spreek je vastklampen uit: /ˈvɑs(t)klɑmpə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft. Het streepje ˈ markeert de klemtoon: die ligt op de eerste lettergreep.
Wat is de betekenis van vastklampen?
Vastklampen is een werkwoord. De betekenis is: door middel van klampen vast zetten. In totaal staan er 3 betekenissen.
Hoe vervoeg ik vastklampen?
Zo vervoeg je vastklampen zo: het voltooid deelwoord is vastgeklampt. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord vastklampen is 24 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. V 4
  2. A 1
  3. S 2
  4. T 2
  5. K 3
  6. L 3
  7. A 1
  8. M 3
  9. P 3
  10. E 1
  11. N 1
  12. 24 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

vastklampen levert met Wordfeud minimaal 25 en maximaal 99 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. V 4
  2. A 1
  3. S 2
  4. T 2
  5. K 3
  6. L 3
  7. A 1
  8. M 3
  9. P 4
  10. E 1
  11. N 1
  12. 25 zonder bonus
  13. 99 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (V) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

vastklampen in het kort

vastklampen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 3 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van vastklampen staan er 56 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort vastklampen bij een woordfamilie van 15 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

vastklampen: door middel van klampen vast zetten
Deel vastklampen — standaardnederlands.nl