vastgesteld
bijvoeglijk naamwoord, werkwoord ˈvɑs(t)xəˌstɛltBetekenis
- bepaald
Hoe spreek je vastgesteld uit?
/ˈvɑstxəˌstɛlt/
Vastgesteld bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| v | vis |
| ɑ | bad |
| s | sok |
| t | tak |
| x | acht |
| ə | de |
| ɛ | bed |
| l | land |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| vastgestelde | verbogen, stellende trap |
| vastgestelds | partitief, stellende trap |
Woordvorm
- voltooid deelwoord van vaststellen
Vervoeging van vastgesteld
vastgesteldhele werkwoord
Herkomst
*vervoeging van vaststellen: voltooid deelwoord, op te vatten als samenstelling van vast bw en gesteld ww
Woordfamilie van vastgesteld
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| vastgestelds | partitive, positive | vastgesteld |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van vastgesteld zijn vastgelegd.