vanaf
voorzetsel, bijwoord vɑnˈɑfBetekenis
- duidt een tijdstip aan waarna (en waarop) iets geldt
- duidt een vertrekpunt (plaats) aan
- van een last verlost zijn
Hoe spreek je vanaf uit?
/vɑnˈɑf/
Vanaf bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| v | vis |
| ɑ | bad |
| n | nek |
| f | fiets |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (voorzetsel)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| [1] v.a. |
Herkomst
samenstelling van van vz en af vz , in de betekenis van ‘voorzetsel’ voor het eerst aangetroffen in 1828