typeren
werkwoordBetekenis
- een kernachtige beschrijving geven
Vervoeging van typeren
typerenhele werkwoord — typeerdeverleden tijd enkelvoud — typeerdenverleden tijd meervoud — getypeerdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | typeer | typeerde |
| jij | typeert | typeerde |
| hij, zij, het | typeert | typeerde |
| wij | typeren | typeerden |
| jullie | typeren | typeerden |
| zij | typeren | typeerden |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben getypeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent getypeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is getypeerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was getypeerd | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd getypeerd | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt getypeerd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal getypeerd worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal getypeerd zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou getypeerd worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou getypeerd zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| getypeerd | verleden tijd, deelwoord |
| getypeerd te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| getypeerd te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| getypeerd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| getypeerd te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| getypeerd te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| getypeerd worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| getypeerd zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| getypeerd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| getypeerd zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| getypeerd zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had getypeerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had getypeerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had getypeerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden getypeerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden getypeerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden getypeerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt getypeerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb getypeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben getypeerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben getypeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben getypeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben getypeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt getypeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft getypeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft getypeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is getypeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is getypeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te hebben getypeerd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te typeren | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen typeren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| typeer | gebiedende wijs |
| typeerde | verleden tijd |
| typere | aanvoegende wijs |
| typerend | onvoltooid, deelwoord |
| waart getypeerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren getypeerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren getypeerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren getypeerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was getypeerd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was getypeerd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was getypeerd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd getypeerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd getypeerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd getypeerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden getypeerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden getypeerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden getypeerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt getypeerd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word getypeerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden getypeerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden getypeerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden getypeerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt getypeerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt getypeerd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal getypeerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal getypeerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal getypeerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal getypeerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal getypeerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal getypeerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal getypeerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal typeren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal typeren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal typeren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn getypeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn getypeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn getypeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt getypeerd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou getypeerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou getypeerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou getypeerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou getypeerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou getypeerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou getypeerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou getypeerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou getypeerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou getypeerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou typeren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou typeren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou typeren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden getypeerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden getypeerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden getypeerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden getypeerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden getypeerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden getypeerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden getypeerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden getypeerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden getypeerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden typeren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden typeren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden typeren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt getypeerd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt getypeerd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt getypeerd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt typeren | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen getypeerd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen getypeerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen getypeerd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen getypeerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen getypeerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen getypeerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen getypeerd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen getypeerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen getypeerd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen typeren | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen typeren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen typeren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen typeren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult getypeerd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult getypeerd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult getypeerd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult typeren | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
afgeleid van het Franse typer (met het achtervoegsel -eren)
Woordfamilie van typeren
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| getypeerd | voltooid deelwoord | typeren |
| getypeerde | woordvorm | typeren |
| typeer | gebiedende wijs | typeren |
| typeerde | verleden tijd | typeren |
| typeerden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | typeren |
| typeert | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | typeren |
| typere | aanvoegende wijs | typeren |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van typeren zijn vastgelegd.