treef
zelfstandig naamwoord trefBetekenis
- (Suriname) persoonlijk taboe op een levensmiddel
- (Suriname) levensmiddel waarvoor iemand een persoonlijk taboe heeft
- uit stevig materiaal gemaakt rooster op pootjes dat wordt gebruikt als onderzetter
- (Limburg)(dwars-)balk
Hoe spreek je treef uit?
/tref/
Treef bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| t | tak |
| r | rood |
| e | veel |
| f | fiets |
zelfstandig naamwoord — masculine
- persoonlijk taboe op een levensmiddel
- levensmiddel dat voor iemand een persoonlijk taboe vormt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| trefen | enkelvoud |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| (treef)* | enkelvoud |
| (treven)* | meervoud |
| treefje | verkleinwoord, enkelvoud |
| treefjes | verkleinwoord, meervoud |
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- balk Limburg
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| treven | meervoud |
Woordfamilie van treef
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| treefje | verkleinwoord | treef |
| treefjes | verkleinwoord meervoud | treef |
| trefen | enkelvoud | treef |
| treven | meervoud | treef |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van treef zijn vastgelegd.