Naar de inhoud

strippen

het zich ontdoen van alle kleding die het lichaam bedekt

strippen is meer dan één woord

strippen

werkwoord, zelfstandig naamwoord

Betekenis

  1. het zich ontdoen van alle kleding die het lichaam bedekt
  2. ontdoen van het overtollige door het af te trekken

werkwoord

  1. het zich ontdoen van alle of een groot deel van de kleding die het lichaam bedekt, vaak met een erotische bijbedoeling unergative
  2. bepaalde dieren (zoals vissen) levend en zonder verdoving opensnijden, met als doel de organen en het bloed te verwijderen transitive

Vervoeging van strippen

strippenhele werkwoord — stripteverleden tijd enkelvoud — striptenverleden tijd meervoud — gestriptvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik strip stripte
jij stript stripte
hij, zij, het stript stripte
wij strippen stripten
jullie strippen stripten
zij strippen stripten
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gestript voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gestript voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gestript impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gestript impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gestript impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gestript impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gestript worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gestript zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gestript worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gestript zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gestript verleden tijd, deelwoord
gestript te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gestript te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gestript te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gestript te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gestript te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gestript worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gestript zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gestript zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gestript zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gestript zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gestript voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gestript voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gestript voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gestript voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gestript voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gestript voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gestript voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gestript voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gestript actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gestript voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gestript voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gestript voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gestript voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gestript voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gestript voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gestript voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gestript voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
strip gebiedende wijs
strippe aanvoegende wijs
strippend onvoltooid, deelwoord
stripte verleden tijd
te hebben gestript actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te strippen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen strippen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gestript voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gestript voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gestript voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gestript voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gestript voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gestript voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gestript voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gestript enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gestript enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gestript enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gestript enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gestript enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gestript enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gestript enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gestript enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gestript enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gestript enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gestript enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gestript enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gestript enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal gestript hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gestript hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gestript hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gestript worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gestript worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gestript zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gestript zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal strippen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal strippen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal strippen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gestript voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gestript voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gestript voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gestript voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou gestript hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gestript hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gestript hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gestript worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gestript worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gestript worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gestript zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gestript zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gestript zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou strippen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou strippen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou strippen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gestript hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gestript hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gestript hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gestript worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gestript worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gestript worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gestript zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gestript zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gestript zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden strippen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden strippen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden strippen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gestript hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gestript worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gestript zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt strippen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gestript hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gestript hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gestript hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gestript worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gestript worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gestript worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gestript zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gestript zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gestript zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen strippen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen strippen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen strippen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen strippen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gestript hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gestript worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gestript zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult strippen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord strip

Woordfamilie van strippen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gestript voltooid deelwoord strippen
gestripte woordvorm strippen
strippe aanvoegende wijs strippen
strippend onvoltooid deelwoord strippen
strippende woordvorm strippen
stript aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon strippen
stripte verleden tijd strippen
stripten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon strippen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van strippen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over strippen

Wat is de betekenis van strippen?
Strippen is een werkwoord. De betekenis is: het zich ontdoen van alle kleding die het lichaam bedekt. In totaal staan er 4 betekenissen.
Hoe vervoeg ik strippen?
Zo vervoeg je strippen zo: de tegenwoordige tijd is strip, de verleden tijd is stripte en het voltooid deelwoord is gestript. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord strippen is 15 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. S 2
  2. T 2
  3. R 2
  4. I 1
  5. P 3
  6. P 3
  7. E 1
  8. N 1
  9. 15 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

strippen levert met Wordfeud minimaal 18 en maximaal 78 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. S 2
  2. T 2
  3. R 2
  4. I 2
  5. P 4
  6. P 4
  7. E 1
  8. N 1
  9. 18 zonder bonus
  10. 78 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (P) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

strippen in het kort

strippen is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Wat het is, hangt af van de zin. Hierboven vind je 4 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van strippen staan er 75 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort strippen bij een woordfamilie van 8 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

strippen: het zich ontdoen van alle kleding die het lichaam bedekt
Deel strippen — standaardnederlands.nl