Naar de inhoud

sterken

kracht geven, ondersteunen, versterken, opbeuren, troosten

sterken

werkwoord

Betekenis

  1. kracht geven, ondersteunen, versterken, opbeuren, troosten

Vervoeging van sterken

sterkenhele werkwoord — sterkteverleden tijd enkelvoud — sterktenverleden tijd meervoud — gesterktvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik sterk sterkte
jij sterkt sterkte
hij, zij, het sterkt sterkte
wij sterken sterkten
jullie sterken sterkten
zij sterken sterkten
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gesterkt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gesterkt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gesterkt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gesterkt impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gesterkt impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gesterkt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gesterkt worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gesterkt zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gesterkt worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gesterkt zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gesterkt verleden tijd, deelwoord
gesterkt te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gesterkt te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gesterkt te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gesterkt te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gesterkt te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gesterkt worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gesterkt zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gesterkt zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gesterkt zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gesterkt zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gesterkt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gesterkt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gesterkt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gesterkt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gesterkt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gesterkt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gesterkt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gesterkt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gesterkt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gesterkt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gesterkt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gesterkt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gesterkt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gesterkt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gesterkt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gesterkt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gesterkt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
sterk gebiedende wijs
sterke aanvoegende wijs
sterkend onvoltooid, deelwoord
sterkte verleden tijd
te hebben gesterkt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te sterken actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen sterken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gesterkt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gesterkt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gesterkt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gesterkt voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gesterkt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gesterkt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gesterkt voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gesterkt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gesterkt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gesterkt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gesterkt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gesterkt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gesterkt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gesterkt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gesterkt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gesterkt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gesterkt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gesterkt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gesterkt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gesterkt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal gesterkt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gesterkt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gesterkt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gesterkt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gesterkt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gesterkt zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gesterkt zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal sterken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal sterken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal sterken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gesterkt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gesterkt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gesterkt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gesterkt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou gesterkt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gesterkt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gesterkt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gesterkt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gesterkt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gesterkt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gesterkt zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gesterkt zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gesterkt zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou sterken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou sterken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou sterken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gesterkt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gesterkt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gesterkt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gesterkt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gesterkt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gesterkt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gesterkt zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gesterkt zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gesterkt zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden sterken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden sterken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden sterken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gesterkt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gesterkt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gesterkt zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt sterken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gesterkt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gesterkt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gesterkt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gesterkt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gesterkt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gesterkt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gesterkt zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gesterkt zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gesterkt zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen sterken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen sterken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen sterken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen sterken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gesterkt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gesterkt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gesterkt zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult sterken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

afgeleid van sterk met het achtervoegsel -en

Woordfamilie van sterken

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gesterkt voltooid deelwoord sterken
gesterkte woordvorm sterken
sterkend onvoltooid deelwoord sterken
sterkende woordvorm sterken
sterkt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon sterken

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van sterken zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over sterken

Wat is de betekenis van sterken?
Sterken is een werkwoord. De betekenis is: kracht geven, ondersteunen, versterken, opbeuren, troosten.
Hoe vervoeg ik sterken?
Zo vervoeg je sterken zo: de tegenwoordige tijd is sterk, de verleden tijd is sterkte en het voltooid deelwoord is gesterkt. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord sterken is 12 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. S 2
  2. T 2
  3. E 1
  4. R 2
  5. K 3
  6. E 1
  7. N 1
  8. 12 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

sterken levert met Wordfeud minimaal 12 en maximaal 94 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. S 2
  2. T 2
  3. E 1
  4. R 2
  5. K 3
  6. E 1
  7. N 1
  8. 12 zonder bonus
  9. 94 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (K) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

sterken telt 7 letters, waarvan 6 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

sterken in het kort

sterken staat in dit woordenboek als werkwoord. Van sterken staan er 75 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort sterken bij een woordfamilie van 5 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

sterken: kracht geven, ondersteunen, versterken, opbeuren, troosten
Deel sterken — standaardnederlands.nl