skunk
zelfstandig naamwoord skʏŋkBetekenis
- wiet met een extra hoge THC-concentratie die ook in Nederland wordt gekweekt
- een familie uit de orde der roofdieren wiens leden een grote stank verspreiden wanneer zij zich bedreigd voelen, stinkdier
- bont van bovengenoemd dier
Hoe spreek je skunk uit?
/skʏŋk/
Skunk bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| s | sok |
| k | kat |
| ʏ | put |
| ŋ | ding |
zelfstandig naamwoord — masculine
- familie Mephitidae, marterachtige zoogdieren die een grote stank verspreiden wanneer zij zich bedreigd voelen
- bont van marterachtigen uit de familie Mephitidae neuter
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| skunks | enkelvoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘marterachtige’ voor het eerst aangetroffen in 1912
Woordfamilie van skunk
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| skunks | enkelvoud | skunk |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van skunk zijn vastgelegd.