Naar de inhoud

ronden

geheel rondom een kaap varen

ronden is meer dan één woord

ronden

werkwoord, zelfstandig naamwoord

Betekenis

  1. geheel rondom een kaap varen

Vervoeging van ronden

rondenhele werkwoord — ronddeverleden tijd enkelvoud — ronddenverleden tijd meervoud — gerondvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik rond rondde
jij rondt rondde
hij, zij, het rondt rondde
wij ronden rondden
jullie ronden rondden
zij ronden rondden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gerond voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gerond voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gerond impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gerond impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gerond impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gerond impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gerond worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gerond zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gerond worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gerond zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gerond verleden tijd, deelwoord
gerond te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gerond te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gerond te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gerond te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gerond te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gerond worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gerond zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gerond zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gerond zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gerond zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gerond voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gerond voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gerond voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gerond voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gerond voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gerond voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gerond voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gerond voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gerond actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gerond voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gerond voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gerond voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gerond voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gerond voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gerond voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gerond voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gerond voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
rond gebiedende wijs
rondde verleden tijd
ronde aanvoegende wijs
rondend onvoltooid, deelwoord
te hebben gerond actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te ronden actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen ronden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gerond voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gerond voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gerond voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gerond voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gerond voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gerond voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gerond voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gerond enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gerond enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gerond enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gerond enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gerond enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gerond enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gerond enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gerond enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gerond enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gerond enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gerond enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gerond enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gerond enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal gerond hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gerond hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gerond hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gerond worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gerond worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gerond zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gerond zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal ronden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal ronden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal ronden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gerond voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gerond voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gerond voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gerond voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou gerond hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gerond hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gerond hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gerond worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gerond worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gerond worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gerond zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gerond zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gerond zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou ronden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou ronden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou ronden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gerond hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gerond hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gerond hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gerond worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gerond worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gerond worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gerond zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gerond zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gerond zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden ronden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden ronden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden ronden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gerond hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gerond worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gerond zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt ronden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gerond hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gerond hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gerond hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gerond worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gerond worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gerond worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gerond zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gerond zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gerond zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen ronden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen ronden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen ronden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen ronden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gerond hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gerond worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gerond zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult ronden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord ronde

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord rond

Woordfamilie van ronden

Woordvorm Relatie Afgeleid van
rondde verleden tijd ronden
rondden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon ronden
rondend onvoltooid deelwoord ronden
rondende woordvorm ronden
rondt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon ronden

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van ronden zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over ronden

Wat is de betekenis van ronden?
Ronden is een werkwoord. De betekenis is: geheel rondom een kaap varen.
Hoe vervoeg ik ronden?
Zo vervoeg je ronden zo: de tegenwoordige tijd is rond, de verleden tijd is rondde en het voltooid deelwoord is gerond. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord ronden is 8 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. R 2
  2. O 1
  3. N 1
  4. D 2
  5. E 1
  6. N 1
  7. 8 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

ronden levert met Wordfeud minimaal 8 en maximaal 36 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. R 2
  2. O 1
  3. N 1
  4. D 2
  5. E 1
  6. N 1
  7. 8 zonder bonus
  8. 36 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (R) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

ronden telt 6 letters, waarvan 5 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 13.213 woorden van 6 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

ronden in het kort

ronden is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Wat het is, hangt af van de zin. Van ronden staan er 75 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort ronden bij een woordfamilie van 5 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

ronden: geheel rondom een kaap varen
Deel ronden — standaardnederlands.nl