pitbullterriër
zelfstandig naamwoordBetekenis
- gevechtshond met een brede kaak en atletische bouw, het is geen bepaald hondenras
zelfstandig naamwoord — masculine
- gevechtshond met een brede kaak en atletische bouw, het is geen officieel hondenras
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| pitbullterriërs | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘hondensoort’ voor het eerst aangetroffen in 1984
Woordfamilie van pitbullterriër
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| pitbullterriërs | meervoud | pitbullterriër |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van pitbullterriër zijn vastgelegd.