Naar de inhoud

piercen

het aanbrengen van voorwerpen door doorboring van de huid

piercen

werkwoord /'pirsə(n)/

Betekenis

  1. het aanbrengen van voorwerpen door doorboring van de huid

Hoe spreek je piercen uit?

/ˈpirsən/

Piercen bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈpirsən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
p pak
i riet
r rood
s sok
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van piercen

piercenhele werkwoord — pierceteverleden tijd enkelvoud — piercetenverleden tijd meervoud — gepiercetvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik pierce piercete
jij piercet piercete
hij, zij, het piercet piercete
wij piercen pierceten
jullie piercen pierceten
zij piercen pierceten
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
er is gepiercet impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gepiercet impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gepiercet impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gepiercet impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gepiercet worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gepiercet zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gepiercet worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gepiercet zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gepiercet verleden tijd, deelwoord
gepiercet te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gepiercet zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gepiercet voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gepiercet voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gepiercet voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gepiercet voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gepiercet voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gepiercet voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gepiercet voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gepiercet voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gepiercet actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gepiercet voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gepiercet voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gepiercet voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gepiercet voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gepiercet voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gepiercet voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
pierce gebiedende wijs
pierce aanvoegende wijs
piercend onvoltooid, deelwoord
piercete verleden tijd
te hebben gepiercet actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te piercen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen piercen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal gepiercet hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gepiercet hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gepiercet hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal piercen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal piercen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal piercen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou gepiercet hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gepiercet hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gepiercet hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou piercen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou piercen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou piercen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gepiercet hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gepiercet hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gepiercet hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden piercen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden piercen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden piercen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gepiercet hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt piercen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gepiercet hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gepiercet hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gepiercet hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen piercen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen piercen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen piercen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen piercen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gepiercet hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult piercen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

>Engels to pierce

Woordfamilie van piercen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gepiercet voltooid deelwoord piercen
gepiercete woordvorm piercen
pierce gebiedende wijs piercen
piercend onvoltooid deelwoord piercen
piercende woordvorm piercen
piercet aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon piercen
piercete verleden tijd piercen
pierceten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon piercen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van piercen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over piercen

Hoe spreek ik piercen uit?
Zo spreek je piercen uit: /'pirsə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft.
Wat is de betekenis van piercen?
Piercen is een werkwoord. De betekenis is: het aanbrengen van voorwerpen door doorboring van de huid.
Hoe vervoeg ik piercen?
Zo vervoeg je piercen zo: de tegenwoordige tijd is pierce, de verleden tijd is piercete en het voltooid deelwoord is gepiercet. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Scrabble punten

Naar spel

Het woord piercen is 14 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. P 3
  2. I 1
  3. E 1
  4. R 2
  5. C 5
  6. E 1
  7. N 1
  8. 14 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

piercen levert met Wordfeud minimaal 16 en maximaal 118 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. P 4
  2. I 2
  3. E 1
  4. R 2
  5. C 5
  6. E 1
  7. N 1
  8. 16 zonder bonus
  9. 118 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

piercen telt 7 letters, waarvan 6 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

piercen in het kort

piercen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van piercen staan er 39 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort piercen bij een woordfamilie van 8 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

piercen: het aanbrengen van voorwerpen door doorboring van de huid
Deel piercen — standaardnederlands.nl