perken
werkwoord, zelfstandig naamwoordBetekenis
- in een perk of omheining opsluiten
Vervoeging van perken
perkenhele werkwoord — perkteverleden tijd enkelvoud — perktenverleden tijd meervoud — geperktvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | perk | perkte |
| jij | perkt | perkte |
| hij, zij, het | perkt | perkte |
| wij | perken | perkten |
| jullie | perken | perkten |
| zij | perken | perkten |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben geperkt | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent geperkt | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is geperkt | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was geperkt | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd geperkt | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt geperkt | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal geperkt worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal geperkt zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou geperkt worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou geperkt zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| geperkt | verleden tijd, deelwoord |
| geperkt te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| geperkt te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| geperkt te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| geperkt te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| geperkt te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| geperkt worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| geperkt zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| geperkt zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| geperkt zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| geperkt zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had geperkt | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had geperkt | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had geperkt | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden geperkt | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden geperkt | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden geperkt | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt geperkt | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb geperkt | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben geperkt | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben geperkt | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben geperkt | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben geperkt | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt geperkt | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft geperkt | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft geperkt | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is geperkt | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is geperkt | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| perk | gebiedende wijs |
| perke | aanvoegende wijs |
| perkend | onvoltooid, deelwoord |
| perkte | verleden tijd |
| te hebben geperkt | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te perken | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen perken | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart geperkt | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren geperkt | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren geperkt | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren geperkt | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was geperkt | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was geperkt | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was geperkt | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd geperkt | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd geperkt | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd geperkt | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden geperkt | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden geperkt | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden geperkt | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt geperkt | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word geperkt | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden geperkt | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden geperkt | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden geperkt | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt geperkt | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt geperkt | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal geperkt hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal geperkt hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal geperkt hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal geperkt worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal geperkt worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal geperkt zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal geperkt zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal perken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal perken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal perken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn geperkt | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn geperkt | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn geperkt | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt geperkt | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou geperkt hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou geperkt hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou geperkt hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou geperkt worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou geperkt worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou geperkt worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou geperkt zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou geperkt zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou geperkt zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou perken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou perken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou perken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden geperkt hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden geperkt hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden geperkt hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden geperkt worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden geperkt worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden geperkt worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden geperkt zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden geperkt zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden geperkt zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden perken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden perken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden perken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt geperkt hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt geperkt worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt geperkt zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt perken | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen geperkt hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen geperkt hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen geperkt hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen geperkt worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen geperkt worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen geperkt worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen geperkt zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen geperkt zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen geperkt zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen perken | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen perken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen perken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen perken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult geperkt hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult geperkt worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult geperkt zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult perken | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Woordvorm
- meervoud van het zelfstandig naamwoord perk
Herkomst
afgeleid van perk met het achtervoegsel -en
Woordfamilie van perken
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| geperkt | voltooid deelwoord | perken |
| geperkte | woordvorm | perken |
| perke | aanvoegende wijs | perken |
| perkend | onvoltooid deelwoord | perken |
| perkende | woordvorm | perken |
| perkt | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | perken |
| perkte | verleden tijd | perken |
| perkten | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | perken |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van perken zijn vastgelegd.